Art. 2.

In de waterwingebieden en beschermingszones type I zijn uitsluitend volgende handelingen toegelaten:

1 de handelingen die noodzakelijk zijn voor de produktie van drinkwater;
2 de handelingen die de bescherming van het grondwater tot doel hebben;
3 de handelingen die de kwaliteit van het grondwater niet kunnen verontreinigen op voorwaarde dat:
a) de betrokken drinkwatermaatschappij een gunstig advies verleent;
b) het geen behandeling betreft, verboden overeenkomstig artikel 3 en artikel 5.