Art. 6.

De exploitant van een kerninstallatie is :

1° niet aansprakelijk voor de schade aan de kerninstallatie zelf en aan andere kerninstallaties, zelfs in aanbouw, op het terrein, noch voor de schade aan goederen op dit terrein die worden gebruikt of bestemd zijn om te worden gebruikt in verband met een van deze installaties;

2° aansprakelijk voor de kernschade veroorzaakt aan het vervoermiddel waarop de stoffen zich bevinden op het ogenblik van het kernongeval wanneer hij aansprakelijk is voor de kernschade veroorzaakt bij het vervoer in de gevallen voorzien bij artikel 4 van het Verdrag van Parijs.
De vergoeding van deze kernschade mag niet tot gevolg  hebben de aansprakelijkheid van de exploitant voor de andere kernschade te verminderen tot een bedrag lager dan dat, bepaald in artikel 7, eerstel lid, van deze wet.

3° aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door een ander ongeval dan een kernongeval, wanneer de schade tegelijkertijd werd veroorzaakt door een kernongeval, voor zover dit redelijkerwijze niet te scheiden valt van de door het kernongeval veroorzaakte kernschade.