Art. 29. De Koning regelt het toezicht op de afwikkeling van de schadeloosstelling door de verzekeraars en de personen die een andere financiŽle zekerheid hebben gesteld. Hij bepaalt tevens de voorwaarden waaronder de personen, die krachtens het Verdrag van Parijs, het Aanvullend Verdrag of deze wet recht hebben op schadevergoeding, kennis kunnen nemen van de kontrakten inzake verzekering of financiŽle zekerheidsstelling.