Onderafdeling V.
Aansprakelijkheid


Art. 16.

1

Wie bodemverontreiniging heeft veroorzaakt, is aansprakelijk voor de kosten die overeenkomstig dit decreet gemaakt worden voor het beschrijvend bodemonderzoek, de bodemsanering en de andere maatregelen, vermeld in hoofdstuk VI, evenals voor de schade die door deze activiteiten of maatregelen veroorzaakt wordt.

2

Als de emissie waardoor de bodemverontreiniging tot stand is gebracht afkomstig is van een inrichting of activiteit die vergunnings- of meldingsplichtig is krachtens titel V van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene epalingen inzake milieubeleid, is de exploitant van de inrichting of activiteit, vermeld in titel V, echter aansprakelijk.

3.

De aansprakelijkheid voor de kosten en verdere schade, vermeld in 1, die de persoon die voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 12, 1 of 2, kan oplopen op basis van voor dit decreet van toepassing zijnde regels die aansprakelijkheid vestigen op de loutere eigendom of de loutere bewaking van de grond wordt beperkt tot het bedrag van de kosten nodig om te voorkomen dat de bodemverontreiniging zich verder verspreidt of een onmiddellijk gevaar vormt.


Art. 17.

1

Als meerdere personen op grond van de bepalingen van dit decreet aansprakelijk zijn voor een zelfde bodemverontreiniging, zijn zij hoofdelijk aansprakelijk.

2

In dat geval heeft diegene die de schadelijder heeft vergoed, een regres tegen de andere aansprakelijke personen, in de mate waarin de verschillende emissies waarvoor zij aansprakelijk zijn, hebben bijgedragen tot het veroorzaken van de bodemverontreiniging.

3

De bepalingen van dit decreet doen geen afbreuk aan de mogelijkheden voor de aansprakelijke om op basis van een andere rechtsgrond regres uit te oefenen.


Art. 18.

De bepalingen van dit decreet doen geen afbreuk aan de andere rechten, die de personen die kosten maakten of schade leden als vermeld in artikel 16, 1, hebben tegen de veroorzaker of tegen andere personen.