Art. 35. Bij inbreng van een tak van werkzaamheid of van de algemeenheid van goederen door een aan de rechtspersonenbelasting onderworpen elektriciteitsproducent in een binnenlandse vennootschap, worden de afschrijfbare activa waarop meerwaarden worden uitgedrukt naar aanleiding van die inbreng, ten name van de vennootschap die de inbreng ontvangt, afgeschreven met vaste annu´teiten waarvan het aantal niet minder mag bedragen dan de residuele gebruiksduur van de betrokken activa die voor de bepaling van de inbrengwaarde in aanmerking is genomen.