Art. 17.

§ 1

Wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot drie jaar en met een geldboete van 160 euro tot 4.000.000 euro of met één van die straffen alleen :

hij die de voorschriften, vastgesteld door of krachtens de artikelen 5, 7, 8 en 9 van deze wet overtreedt, wanneer ze van toepassing zijn op voorwerpen of op gevaarlijke stoffen of mengsels, met uitzondering van artikel 5, § 1, eerste lid, 11°;
1°bis hij die de voorschriften van een uitvoeringsmaatregel, genomen in het kader van de Richtlijn 2009/125/EG, hetzij vastgesteld krachtens Hoofdstuk Vbis van deze wet, hetzij vastgesteld door een Europese verordening of een beschikking, overtreedt;
[...]

hij die inbreuk pleegt op :

a) artikel 5, artikel 7, § 3, artikel 8, § 2, artikel 9, §§ 4 of 6, artikel 13, § 4, artikel 14, § 1, 6 of 7, artikel 26, § 3, artikel 30, § 3, artikel 31, § 1, 2, 3, 7 of 9, artikel 32, § 1 of 3, artikel 33, § 1 of 2, artikel 34, artikel 35, artikel 37, § 4, 5, 6 of 7, artikel 38, § 1, 3 of 4, artikel 39, § 1 of 2, artikel 40, § 4, artikel 50, § 4, artikel 55, artikel 56, § 1 of 2, artikel 60, § 10, artikel 65 of artikel 67, § 1, van de verordening REACH; of
b) een beslissing van het Europees Agentschap voor chemische stoffen of van de Europese Commissie die betrekking heeft op een van de verwijzingen in punt a) van deze paragraaf;
hij die de artikelen 5, § 1, 6, 11, § 8, 12, §§ 1 of 2, 20, § 1, 24, 26, § 1, of 27 van Verordening (EG) nr. 1005/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen overtreedt;
hij die bewust onjuiste inlichtingen verschaft of documenten overmaakt; 
hij die zich verzet tegen bezoeken, inspecties, inbeslagnames, monsternames of de vraag naar inlichtingen of documenten door de krachtens artikelen 15, 15ter, 15quater en 15quinquies aangewezen statutaire of contractuele personeelsleden;
hij die artikelen 3, 4, 4bis of 6, §§ 2 en 3, van Verordening (EG) nr. 648/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende detergentia, overtreedt;
hij die artikel 3, punten 1 en 2, van Verordening (EG) nr 850/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen en tot wijziging van Richtlijn 79/117/EEG (PB 2004, L158, zoals gerectificeerd in PB nr. 229 van 29/06/2004, blz. 5-22) overtreedt.
hij die artikel 6, lid 3, artikel 7, lid 2, artikel 11, artikel 14, lid 1, 2 en 3, artikel 15, lid 1, alinea 2, artikel 17 en artikel 18 van Verordening (EU) nr. 517/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 overtreedt;
10° hij die artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 overtreedt; 
11° hij die artikel 1, §§ 1 of 3, van Verordening (EG) nr. 1102/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008 inzake het verbod op de uitvoer van metallisch kwik en andere kwikverbindingen en –mengsels en de veilige opslag van metallisch kwik overtreedt; 
12° hij die de artikelen 28, § 1, 46, 49, § 4, 52, §§ 1, 4, 5 of 6, 54, §§ 1 of 2, 55, 56, §§ 1, 2 of 4, 58, § 1, 62, §§ 1, 2, 3 of 4, 64, §§ 1 of 2, 65, § 1, of 66, §§ 1, 2, 4, 5 of 6, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad overtreedt; 
13° hij die artikel 1 en de bijlage van Verordening (EG) nr. 547/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2011 ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de etiketteringsvoorschriften voor gewasbeschermingsmiddelen overtreedt; 
14° hij die de artikelen 4, § 1, en 5, § 1, van Verordening (EG) nr. 2173/2005 van de Raad van 20 december 2005 inzake de opzet van een FLEGT-vergunningensysteem voor de invoer van hout in de Europese Gemeenschap overtreedt. 
15° hij die artikelen 4, §§ 1, 2 of 3, of artikel 5 van Verordening (EU) nr. 995/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 20 oktober 2010 tot vaststelling van de verplichtingen van marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen, overtreedt;
16° hij die inbreuk pleegt op :
a) artikel 17, § 1, artikel 47, § 1, artikel 58, §§ 2 of 3, artikel 62, § 1, artikel 95, § 3 van Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden; of
b) een beslissing van het Europees Agentschap voor chemische stoffen of van de Europese Commissie die betrekking heeft op een van de in de bepaling onder a) bedoelde bepalingen;
17° hij die artikelen 8, § 2, 14, § 4, 14, §§ 6 of 10, 15, §§ 1 of 2, 17, § 1, 19, §§ 1 of 2 van Verordening (EU) nr. 649/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de in- en uitvoer van gevaarlijke chemische stoffen, overtreedt.


Wanneer de dader van de door het vorige lid strafbaar gestelde feiten weet dat deze feiten concreet gevaar opleveren voor de veiligheid of gezondheid van de mens, wordt de in het vorige lid bepaalde maximumstraf gebracht op respectievelijk acht jaar en tien miljoen euro.

 

 

 

 

§ 1bis.

Hij die de voorschriften van een uitvoeringsmaatregel, hetzij vastgesteld door of krachtens het hoofdstuk Vbis, hetzij vastgesteld door een Europese Verordening of Beschikking, overtreedt;

 

§ 2

 Wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot één jaar en met een geldboete van 52 euro tot 120.000 euro of met één van die straffen alleen :

  1. hij die de voorschriften, vastgesteld door of krachtens de artikelen 5, 7, 8 en 9 van deze wet, overtreedt, wanneer ze van toepassing zijn op stoffen of mengsels die niet onder paragraaf 1, eerste lid, 1°, vallen of hij die de voorschriften, vastgesteld door of krachtens artikel 5, § 1, eerste lid, 11°, en artikel 20 van deze wet, overtreedt;
  2. hij die de bepalingen van de artikelen 10 tot 14 of van de besluiten tot uitvoering ervan genomen overtreedt;
  3. [...]
  4. hij die inbreuk pleegt op :
    1. artikel 6, § 1 of 3, artikel 7, § 1, 2 of 5, artikel 9, § 2, artikel 11, § 1, artikel 12, § 2, artikel 13, § 1 of 3, artikel 17, § 1, artikel 18, § 1, artikel 19, § 1, artikel 22, § 1, 2 of 4, artikel 24, § 2, artikel 25, § 1 of 2, artikel 26, § 1, artikel 30, § 1, 2 of 4, artikel 31, § 5 of 8, artikel 32, § 2, artikel 36, § 1 of 2, artikel 37, § 2 of 3, artikel 41, § 4, artikel 46, § 2, artikel 49, artikel 50, § 2 of 3, artikel 53, § 2 of 3, artikel 61, § 1 of 3, artikel 63, § 3, artikel 66, § 1, artikel 105, [...], van de verordening (EG) REACH; of
    2. een beslissing van het Europees Agentschap voor chemische stoffen of van de Europese Commissie die betrekking heeft op een van de verwijzingen in punt a) van deze paragraaf;
  5. hij die de artikelen 17, lid 4, 18, lid 4, of 28, lid 3, van Verordening  (EG) nr. 1005/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen overtreedt;
  6. hij die artikel 9 of artikel 11 van Verordening (EG) nr 648/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende detergentia overtreedt;
  7. hij die de artikelen 12 en 19 van Verordening (EU) van het Europees Parlement en de Raad nr. 517/2014 van 16 april 2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 842/2006 overtreedt;
  8. hij die de artikelen 37, §§ 3 of 6, 40, § 1, 41, 48, §§ 1 of 2, of 49, § 1, van Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 overtreedt;
  9. hij die artikel 5, § 3, van Verordening (EG) nr. 1102/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008 inzake het verbod op de uitvoer van metallisch kwik en andere kwikverbindingen en –mengsels en de veilige opslag van metallisch kwik overtreedt; 
  10. hij die de artikelen 51, § 5, 61, §§ 1 of 3, of 67, §§ 1, 2 of 3, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad overtreedt.
  11. hij die artikelen 4, 5 of 6 van Verordening (EG) nr. 1222/2009 van
    het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 inzake de
    etikettering van banden met betrekking tot hun brandstofefficiëntie en
    andere essentiële parameters, overtreedt;
  12. hij die inbreuk pleegt op :
    1. artikel 17, § 5 of 6, artikel 27, § 1, artikel 31, § 3, artikel 45, § 2, artikel 56, § 1 of 2, artikel 58, §§ 4, 5 of 6, artikel 59, § 3, artikel 62, § 2, a), artikel 63, § 3, derde lid, artikel 65, § 2, artikel 68, § 1, artikel 69, §§ 1 of 2, artikel 70, artikel 72, §§ 1 of 3 van Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden; of
    2. een beslissing van het Europees Agentschap voor chemische stoffen of van de Europese Commissie die betrekking heeft op een van de in de bepaling onder a) bedoelde bepalingen.
  13. hij die de artikelen 8, §§ 4 of 7, 10, §§ 1 of 2, 11, § 4, 14, § 11, 16, § 2, 17, §§ 2, 3 of 4, van Verordening (EU) nr. 649/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de in- en uitvoer van gevaarlijke chemische stoffen, overtreedt.

 

§ 2bis

Met geldboete van 200 tot 1.000 euro voor elke overtreding wordt gestraft hij die artikel 20bis van deze wet of artikel 57 van de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, of de uitvoeringsbesluiten van een van beide artikelen overtreedt. De bedragen en vergoedingen verschuldigd krachtens de besluiten getroffen in uitvoering van artikel 20bis van deze wet of artikel 57 van de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, kunnen worden vervijfvoudigd.

 

§ 2ter

De in §§ 1, 2 en 2bis bepaalde strafrechtelijke geldboeten dienen verhoogd te worden met de opdeciemen overeenkomstig de wet van 5 maart 1952 betreffende de opdeciemen op strafrechtelijke geldboeten.

 

§ 2quater.

De in paragrafen 1 en 2 bepaalde sancties worden op een gevangenisstraf van tien dagen tot tien jaar en een geldboete van 1.000 euro tot 7.000.000 euro of op slechts een van deze straffen gebracht wanneer :

  1. een product waarop de akten van de Europese Unie vermeld in de bijlagen VI en VII betrekking hebben, illegaal op de markt wordt gebracht en, opzettelijk in hoofde van degene die het illegaal op de markt gebracht heeft, zorgt voor een lozing, een uitstoot of anderszins brengen van een hoeveelheid materie in de lucht, het water of de grond, waardoor bij gebruik ervan de dood van of ernstig letsel aan personen wordt of kan worden veroorzaakt;
  2. een product waarop de akten vermeld in bijlage VII betrekking hebben, illegaal op de markt wordt gebracht en, opzettelijk in hoofde van degene die het illegaal op de markt gebracht heeft, zorgt voor een lozing, een uitstoot of anderszins brengen van een hoeveelheid materie in de lucht, het water of de grond, waardoor aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, water of grond of aan dieren of planten wordt of kan worden veroorzaakt wanneer het op de markt gebracht wordt.

 

§ 2quinquies.

De in paragrafen 1 en 2 bepaalde sancties worden op een gevangenisstraf van acht dagen tot een jaar en een geldboete van 250 euro tot 5.000.000 euro of op slechts een van deze straffen gebracht wanneer :

  1. een product waarop de akten vermeld in de bijlagen VI en VII betrekking hebben, illegaal op de markt wordt gebracht en, uit grove nalatigheid in hoofde van degene die het illegaal op de markt gebracht heeft, zorgt voor een lozing, een uitstoot of anderszins brengen van een hoeveelheid materie in de lucht, het water of de grond, waardoor bij gebruik ervan de dood van of ernstig letsel aan personen wordt of kan worden veroorzaakt;
  2. een product waarop de akten van de Europese Unie vermeld in bijlage VII betrekking hebben, illegaal op de markt wordt gebracht en, uit grove nalatigheid in hoofde van degene die het illegaal op de markt gebracht heeft, zorgt voor een lozing, een uitstoot of anderszins brengen van een hoeveelheid materie in de lucht, het water of de grond, waardoor aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, water of grond of aan dieren of planten wordt of kan worden veroorzaakt wanneer het op de markt gebracht wordt.

 

§ 2sexies.

Met geldboete van 100 tot 500 euro voor elke overtreding wordt gestraft hij die de artikelen 9, §§ 2, 4 of 9, of 10, §§ 1, 3 of 4, van de Verordening (EG) nr. 66/2010 van het Europese Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de EU-milieukeur, overtreedt.

 

§ 3

De strafrechter kan volgende bijkomende straffen opleggen :

  1. de openbaarmaking van het vonnis dat een veroordeling op basis van deze wet of diens uitvoeringsbesluiten uitspreekt, op de door hem bepaalde wijze en op kosten van de veroordeelde;
  2. de sluiting van de inrichtingen waar de misdrijven zijn gepleegd voor een termijn van minstens vier weken en ten hoogste één jaar, en dit in geval van herhaling;
  3. het tijdelijke verbod om één of meer welbepaalde beroepsactiviteiten uit te oefenen, en dit tevens enkel in geval van herhaling en voor een termijn van één tot tien jaar;

 

§ 4

De strafrechter kan ter beveiliging van de volksgezondheid en/of het leefmilieu bovendien volgende rechtstreekse maatregelen bevelen :

  1. het verbod van invoer of uitvoer van het product dat het voorwerp is van de inbreuk;
  2. het van de markt nemen van het product dat het voorwerp is van de inbreuk;
  3. de vernietiging van in beslag genomen producten op kosten van de veroordeelde;
  4. de ontneming van een wederrechtelijk verkregen vermogensvoordeel;
  5. de kennisgeving van de uitspraak aan het publiek op de door hem bepaalde wijze en op kosten van de veroordeelde;
  6. het herstel van de toegebrachte schade aan het milieu of het voorkomen van het risico op schade die kan worden toegebracht aan het milieu;
  7. de uitvoering van alle andere maatregelen om de menselijke gezondheid of het milieu te beschermen tegen de schade die wordt of kan worden toegebracht.

Daarenboven kan de rechter in geval van herhaling de volgende rechtstreekse maatregelen bevelen :

  1. de aanstelling van een bijzondere bewindvoerder;
  2. de onbekwaamverklaring tot het uitoefenen van een of meer welbepaalde beroepsactiviteiten;
  3. de stillegging van een productie;
  4. het verbod van gebruik van de inrichtingen waar de misdrijven zijn gepleegd.

 

§ 5

Alle bepalingen van boek I van het Strafwetboek, zijn van toepassing op de bij deze wet en haar uitvoeringsbesluiten bepaalde misdrijven.