Art. 42.

§ 1

Teneinde ervoor te zorgen dat de personen, verantwoordelijk voor de in dit hoofdstuk voorziene vergoeding voor schade aan het mariene milieu zich niet kunnen onttrekken aan hun verplichtingen, kan de overheid, van zodra het risico voor verontreiniging is vastgesteld, eisen dat een borgsom wordt gestort in de Deposito- en Consignatiekas, waarvan de grootte volstaat om de verwachte schade te dekken, zonder evenwel de limieten vastgesteld door het internationaal recht te overschrijden. Het storten van deze som kan zonder kosten voor de Staat worden vervangen door een bankgarantie verleend door een in Belgiė gevestigde bank of een door de overheid ontvankelijk verklaarde garantie getekend door een "Protection and Indemnity Club ".

 

§ 2

Om het bedrag van de borgsom vast te stellen houdt de overheid niet alleen rekening met de reeds geleden schade, maar ook met de risico's en de toekomstige gevolgen, zoals geėvalueerd door de bevoegde diensten van de overheid.