Art. 74.

In artikel 32 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. Het tweede lid wordt vervangen door het volgende lid:

" Zijn eveneens belast met de opsporing en de vaststelling op zee van de inbreuken op artikel 5 van deze wet:

  1. de gezagvoerders van de patrouillevaartuigen en -vliegtuigen van de Staat en hun aangestelden;
  2. de ambtenaren en agenten van de Beheerseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee;
  3. de daartoe door hun hiėrarchie gemandateerde officieren en onderofficieren van de Marine."

2. Het derde lid wordt vervangen door het volgende:
" De in het tweede lid, 2°, bedoelde ambtenaren en agenten worden eveneens belast met de opsporingstaken van de overtredingen van het Verdrag die volgens internationale overeenkomsten inzake het toezicht vanuit de lucht van de zeeverontreiniging aan de Belgische autoriteiten zijn toevertrouwd. ".
3. Het artikel wordt aangevuld met een vierde lid, luidend als volgt:
" Van de inbreuken op deze wet en de uitvoeringsbesluiten ervan worden door dezen die de feiten hebben vastgesteld processen-verbaal opgesteld, die bewijswaarde hebben tot het tegendeel is bewezen. "