Afdeling II.
Beperkt bodemsaneringsproject


Onderafdeling I.
Toepassingsgebied


Art. 56.

Als bodemverontreiniging kan worden behandeld door bodemsaneringswerken die maximaal honderdtachtig dagen in beslag nemen en slechts een beperkte impact hebben op mens en milieu, kan in plaats van een bodemsaneringsproject een beperkt bodemsaneringsproject worden opgesteld, op voorwaarde dat de eigenaars en gebruikers van de gronden waarop bodemsaneringswerken zullen plaatsvinden die noodzakelijk zijn om het beperkt bodemsaneringsproject uit te voeren zich schriftelijk akkoord verklaren met de uitvoering van de bodemsaneringswerken. De beperkte impact kan nader omschreven worden in de standaardprocedure, vermeld in artikelen 57 en 47, 2.


Onderafdeling II.
Doel, procedure en inhoud van het beperkt bodemsaneringsproject


Art. 57.

De bepalingen van artikelen 47 en 48 zijn van overeenkomstige toepassing.


Onderafdeling III.
Conformverklaring van het beperkt bodemsaneringsproject


Art. 58.

1

Uiterlijk dertig dagen na ontvangst van het ontvankelijk en volledig beperkt bodemsaneringsproject [...] spreekt de OVAM zich uit over de conformiteit van het beperkt bodemsaneringsproject met de bepalingen van dit decreet. De OVAM legt aanvullingen op of wijzigingen aan het beperkt bodemsaneringsproject op, of levert een conformiteitsattest af.

2

De Vlaamse Regering stelt nadere regelen vast betreffende de conformverklaring van het beperkt bodemsaneringsproject en het opleggen van wijzigingen en aanvullingen op het beperkt bodemsaneringsproject, en de kennisgeving van deze beslissingen.


Onderafdeling IV.
Voorwaarden en termijn voor de uitvoering van de bodemsaneringswerken


Art. 59.

De bepalingen van artikelen 52 en 53 zijn van overeenkomstige toepassing.


Onderafdeling V.
Conformiteitsattest als melding, omgevingsvergunning


Art. 60.

De bepalingen van artikel 54, zijn van overeenkomstige toepassing.


Onderafdeling VI.
Administratief beroep


Art. 61.

Behalve in de gevallen waarvoor de beroepsprocedure in artikel 146 tot en met 152 geregeld is, kan elke belanghebbende tegen de beslissingen van de OVAM, vermeld in artikel 58, 1, en de beslissingen van de OVAM, genomen krachtens artikel 59, bij de Vlaamse Regering een beroep indienen overeenkomstig de bepalingen van artikel 153 tot en met 155.