Hoofdstuk II.
Verpakkingen voor dranken.


Art. 370.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk worden als dranken beschouwd de categorieėn dranken uit de volgende codes van de gecombineerde douanenomenclatuur :

  1. water, natuurlijk of kunstmatig mineraalwater en spuitwater daaronder begrepen, zonder toegevoegde suiker of andere zoetstoffen noch gearomatiseerd van de GN code 22.01;
  2. De waters, inbegrepen de minerale waters en de gashoudende waters, aangevuld met suiker of andere zoet- of smaakstoffen, en andere niet alcoholische dranken, als bedoeld in de wet van 13 februari 1995 met betrekking tot het accijnsstelsel van alcoholvrije dranken, alsmede van alcoholvrije bieren, alcoholvrije wijnen, de alcoholvrije tussenproducten en de vruchtennectars;
  3. bier van de GN code 22.03;
  4. wijn van verse druiven, wijn waaraan alcohol is toegevoegd daaronder begrepen, druivemost, andere dan deze van nr. 20.09 van GN code 22.04;
  5. vermout en andere wijn van verse druiven, bereid met aromatische planten of met aromatische stoffen van GN code 22.05;
  6. de andere gegiste dranken (bijvoorbeeld appelwijn, perewijn, honingdrank) ; mengsels van gegiste dranken en mengsels van gegiste dranken met alcoholvrije dranken, elders genoemd noch elders onder begrepen, van GN code 22.06;
  7. ethylalcohol, niet gedenatureerd met een alcoholvolumegehalte van minder dan 80 % vol; gedistilleerde dranken, likeuren en andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten ; alcoholische preparaten van de soort gebruikt voor de vervaardiging van dranken van de GN code 22.08;
  8. ongegiste vruchtesappen (druivemost daaronder begrepen) en groentesappen, zonder toegevoegde alcohol, met of zonder toegevoegde suiker of andere zoetstoffen van de GN code 20.09;

 


Art. 371.

§ 1.

Een verpakkingsheffing is verschuldigd :

  1. bij het in het verbruik brengen inzake accijnzen van dranken als bedoeld in artikel 370, verpakt in individuele verpakkingen;
  2. bij het op de Belgische markt brengen van voornoemde dranken verpakt in individuele verpakkingen wanneer dit verpakken later plaatsvindt dan het in het verbruik brengen van deze dranken inzake accijnzen.

Deze verpakkingsheffing bedraagt :

  • 1,4100 EUR per hectoliter product verpakt in individuele herbruikbare verpakkingen;
  • 9,8600 EUR per hectoliter product verpakt in individuele andere dan herbruikbare verpakkingen.

 

§ 2.

Het volume van de producten te belasten met de bij § 1 vastgestelde verpakkingsheffing wordt uitgedrukt in hectoliter en in liter, waarbij delen van een liter worden verwaarloosd. Wanneer het te belasten volume kleiner is dan een liter, worden de delen van een deciliter verwaarloosd.

 

§ 3.

 

§ 4.

De in paragraaf 3 bedoelde vrijstelling wordt onder volgende voorwaarden toegekend :

a) de natuurlijke of rechtspersoon die dranken in individuele verpakkingen in het verbruik brengt, levert het bewijs dat die verpakkingen beantwoorden aan de door de Koning bepaalde voorwaarden;

b) [...].

 

NOTA : Bij arrest nr. 186/2005 van 14-12-2005 (B.S. 28-12-2005, p. 56732-56737), heeft het Arbitragehof :

- het artikel 358 c) van de programmawet van 22 december 2003, dat het art. 371, §4 had opgeheven, vernietigd;

- de gevolgen van het vernietigde artikel 358, b), c) en d), tot en met 24 juli 2004 gehandhaafd.

 

§ 5.

Een onafhankelijke controle-instelling, erkend door de Minister van Economie, verifieert het gehalte aan gerecycleerde grondstoffen van de drankverpakkingen op grond van de hoeveelheden gerecycleerde grondstoffen en primaire grondstoffen die gebruikt worden bij de vervaardiging van de verpakkingen die voor de vrijstelling in aanmerking zouden kunnen komen.

 

NOTA : Bij arrest nr. 186/2005 van 14-12-2005 (B.S. 28-12-2005, p. 56732-56737), heeft het Arbitragehof :

- het artikel 358 d) van de programmawet van 22 december 2003, dat het art. 371, § 5 had opgeheven, vernietigd;

- de gevolgen van het vernietigde artikel 358, b), c) en d), tot en met 24 juli 2004 gehandhaafd.


Art. 371bis.

Vrijstelling van de verpakkingsheffing wordt toegestaan aan alle individuele verpakkingen die dranken bevatten waarvoor een vrijstelling inzake accijnzen is voorzien respectievelijk bij artikel 18 van de wet van 7 januari 1998 betreffende de structuur en de accijnstarieven op alcohol en alcoholhoudende dranken en bij artikel 15 van de wet van 21 december 2009 betreffende het accijnsstelsel van alcoholvrije dranken en koffie of waarvoor een vrijstelling is voorzien bij artikel 20 van de algemene wet van 18 juli 1977 inzake douane en accijnzen.


Art. 372. Bij het bepalen van het bedrag van de zekerheid die moet worden gesteld overeenkomstig artikel 19 van de wet van 22 december 2009 betreffende de algemene regeling inzake accijnzen en overeenkomstig artikel 21 van de wet van 21 december 2009 betreffende het accijnsstelsel van alcoholvrije dranken en koffie moet rekening worden gehouden met het bedrag van de in het spel zijnde verpakkingsheffing.

Art. 372bis. Terugbetaling of kwijtschelding van de verpakkingsheffing wordt toegestaan onder dezelfde vorm en voorwaarden zoals bepaald in de artikelen 9 tot en met 12 van de wet van 22 december 2009 betreffende de algemene regeling inzake accijnzen voor ethylalcohol en alcoholhoudende dranken en in de artikelen 16 tot en met 19 van de wet van 21 december 2009 betreffende het accijnsstelsel van alcoholvrije dranken en koffie voor alcoholvrije dranken.

Art. 372ter. Na de invordering op basis van deze wet van het oorspronkelijk verschuldigde bedrag aan verpakkingsheffing wordt slechts tot navordering van de eventueel verschuldigde aanvullende verpakkingsheffing overgegaan voor zover, in voorkomend geval via cumulatie van diverse verschuldigde bedragen van eenzelfde belastingplichtige, het in te vorderen bedrag 10 euro overschrijdt.

Art. 373.

§ 1.

[...]

 

§ 2.

[...]

 

§ 3.

[...]

 

§ 4.

[...]

 

§ 5.

[...]


Art. 373bis. [...]

Art. 374. [...]

Art. 374bis. [...]

Art. 375. [...]