Art. 80.

De verplichting om onder leiding van een bodemsaneringsdeskundige de maatregelen tot behandeling van bodemverontreiniging bij schadegevallen onverwijld uit te voeren, rust op de volgende persoon :

1 de exploitant, vermeld in titel V van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, als op de grond waar de bodemverontreiniging tot stand is gekomen een inrichting of activiteit gevestigd is die vergunnings- of meldingsplichtig is krachtens titel V;
2 bij gebrek aan een exploitant : de gebruiker van de grond waar de bodemverontreiniging tot stand kwam;
3 bij gebrek aan een exploitant en gebruiker : de eigenaar van de grond waar de bodemverontreiniging tot stand kwam.