Art. 4.1.9.1.1.

§ 1.

De exploitant van een inrichting die in de indelingslijst is ingedeeld in de eerste of tweede klasse en in de vijfde kolom van de indelingslijst is aangeduid met de letter A of B dient met ingang van 4 juli 1996 een milieucoördinator aan te stellen.

 

§ 2.

De exploitanten van de volgende categorieën van inrichtingen zijn vrijgesteld van de verplichting om een milieucoördinator aan te stellen:

 

de inrichtingen die in de indelingslijst in de vijfde kolom met de letter “N” zijn aangeduid.

 

§ 3.

De vergunningverlenende overheid kan exploitanten van niet in § 1 of § 2 bedoelde inrichtingen de verplichting opleggen een milieucoördinator aan te stellen indien de aard van de inrichting, de aard van de milieu-effecten die ervan uitgaan of de plaats waar ze gelegen is of uitgeoefend wordt, dit verantwoordt. Zij bepaalt daarbij tevens het vereiste niveau van de in artikel 4.1.9.1.2., § 3 bedoelde aanvullende vorming.

 

Als verschillende inrichtingen samen naar het oordeel van de vergunningverlenende overheid een milieutechnische eenheid vormen, kan ze de aanstelling van een gezamenlijke milieucoördinator verplicht stellen. Het feit dat verschillende inrichtingen een verschillend eigendomsstatuut hebben, belet niet dat ze een milieutechnische eenheid vormen. 

 

§ 4.

Een milieucoördinator kan voor twee of meer inrichtingen samen worden aangesteld. Voor tot de gezamenlijke aanstelling wordt overgegaan, moet de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, haar instemming daarmee verlenen aan de exploitant.

 

Die instemming is echter niet vereist als:

het een gezamenlijke aanstelling van een erkende milieucoördinator betreft. In dat geval wordt de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, door de exploitant met een aangetekende brief onmiddellijk op de hoogte gebracht van de aanstelling van de erkende milieucoördinator;
het een gezamenlijke aanstelling betreft voor verschillende inrichtingen, die samen een bedrijfslocatie vormen en onder controle staan van een natuurlijke persoon of rechtspersoon. 

 

§ 5.

De aanvraag tot instemming wordt met een aangetekende brief ingediend bij de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning. De aanvraag bevat de documenten waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de voorwaarden om als milieucoördinator te kunnen worden aangesteld.

 

De exploitant kan de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, vragen om gehoord te worden.

 

§ 6.

de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, neemt een beslissing over het verzoek tot instemming met de gezamenlijke aanstelling en deelt die beslissing binnen een termijn van zestig dagen, te rekenen vanaf de eerste dag na het verzenden van de aanvraag, mee aan de aanvrager.

 

§ 7.

Het verlenen van de instemming houdt in dat is voldaan aan de bepalingen van artikel 4.1.9.1.4, §2.

 

§ 8.

Als de milieucoördinator niet meer voldoet aan de voorwaarden om tot de functie te worden toegelaten of als de milieucoördinator de taken, vermeld in dit reglement, niet naar behoren uitvoert, kan de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, de instemming schorsen of opheffen.

 

§ 9.

De afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, brengt de exploitant en de milieucoördinator met een aangetekende brief op de hoogte van het voornemen om de instemming te schorsen of op te heffen, en van de motieven die daartoe aanleiding geven, en nodigt hen tegelijkertijd uit om hun verweermiddelen in te dienen en aanwezig te zijn op een geplande hoorzitting.

 

§ 10.

De afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, neemt een beslissing over de schorsing of opheffing van de instemming, rekening houdend met de vervulde formaliteiten en de meegedeelde verweermiddelen.

 

§ 11.

Als de instemming wordt geschorst of opgeheven, betekent de afdeling Milieu, bevoegd voor de omgevingsvergunning, de beslissing met een aangetekende brief aan de exploitant en de milieucoördinator.

 

Als de procedure tot schorsing of opheffing van de instemming wordt stopgezet, worden de exploitant en de milieucoördinator daarvan op de hoogte gebracht.