Art. 25.

Voor de berekening van de productie van dierlijke mest heeft de landbouwer de keuze tussen :

  1. het forfaitaire stelsel, waarbij de landbouwer de forfaitaire uitscheidingshoeveelheden, vermeld in artikel 27, in rekening brengt;
  2. het nutriŽntenbalansstelsel. In dit geval mag de landbouwer de reŽle uitscheidingshoeveelheden, vermeld in artikel 26, in rekening brengen.

In afwijking van het eerste lid moeten landbouwers wiens bedrijf een gemiddelde veebezetting van meer dan 200 dieren van de diercategorie andere varkens, heeft, gebruik maken van een nutriŽntenbalansstelsel, voor alle op het bedrijf gehouden dieren van de diersoort 2į VARKENS.


De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen