Art. 5.

 

 

 

§ 1.

Onverminderd de bepalingen van artikel 21, eerste lid, 1° en 2°, kan de minister een beroep doen op de procedure van offerteaanvraag voor de bouw van nieuwe installaties voor elektriciteitsproductie wanneer de bevoorradingszekerheid niet voldoende wordt gegarandeerd door :

de in aanbouw zijnde productiecapaciteit; of
de maatregelen met betrekking tot energie-efficiëntie; of
het beheer van de vraag.

 

De offerteaanvraag dient rekening te houden met het aanbod van elektriciteitsleveringen dat op lange termijn gewaarborgd is en dat voortkomt uit bestaande installaties voor elektriciteitsproductie, voor zover deze het mogelijk maken de bijkomende behoeften te dekken.

 

§ 2.

De minister motiveert het beroep op de procedure van offerteaanvraag in het bijzonder rekening houdend met de volgende criteria :

het niet afgestemd zijn van het productiepark op de ontwikkeling van de elektriciteitsvraag op middellange en lange termijn, rekening houdend met de prospectieve studie en in het bijzonder met de verbintenissen van België inzake de beperking van broeikasgasemissies en de energieproductie uit hernieuwbare bronnen;
de investeringen die bedoeld zijn om de productiecapaciteit te verhogen, zonder afbreuk te doen aan de investeringen met betrekking tot energie-efficiëntie;
de in artikel 21 bedoelde openbare dienstverplichtingen.

 

 

§ 3.

Het advies van de netbeheerder betreffende de omvang van het productiepark en de weerslag van de invoer wordt gevraagd voorafgaand aan het instellen van de procedure van offerteaanvraag.

 

§ 4.

De Koning bepaalt, na advies van de commissie, de nadere regels betreffende de procedure van offerteaanvraag waarbij hij zorg draagt voor het garanderen van :

een daadwerkelijke mededinging door de offerteaanvraag;
de transparantie van de procedure, in het bijzonder van de technische specificaties en toekenningscriteria van de offerteaanvraag;
de gelijke behandeling van alle kandidaten die antwoorden op de offerteaanvraag.
Het voldoen van de dossiers met betrekking tot de aanbesteding die door de inschrijvers worden ingediend, aan de criteria zoals bepaald door artikel 4 en de uitvoeringsbesluiten ervan. 

 

Het bestek dat wordt opgesteld door de Algemene Directie Energie kan stimuli bevatten voor de bouw van installaties voor elektriciteitsproductie die het voorwerp uitmaken van de offerteaanvraag. Ingeval het bestek stimuli bevat, moet dit voorafgaandelijk zijn goedgekeurd door de Ministerraad. Overeenkomstig artikel 21 kan de Koning, bij besluit vastgelegd na overleg in de Ministerraad, de openbare dienstverplichtingen bepalen die de financiering mogelijk maken van de hierboven bedoelde stimuli.

 

Bij gebreke aan toepassing van het financieringsmechanisme bepaald in het tweede lid, worden de stimuli gefinancierd door de Rijksmiddelenbegroting.

 

De stimuli toegekend ingevolge de procedure van offerteaanvraag kunnen geen voorwerp uitmaken voor een belasting.

 

§ 4bis.

De modaliteiten voor de aanbestedingsprocedure worden minstens zes maanden vóór de afsluitingsdatum van de aanbesteding in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt.

 

Het bestek wordt ter beschikking gesteld van alle belanghebbende bedrijven, gevestigd op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Unie, zodat deze over een voldoende termijn kunnen beschikken om een offerte voor te leggen.

 

Om transparantie en non-discriminatie te waarborgen, bevat het bestek een gedetailleerde beschrijving van de specificaties van het contract, de procedure die alle inschrijvers moeten volgen en de gunning, met inbegrip van stimulansen.

 

§ 5.

Nadat hij het advies heeft ingewonnen van de overheden die worden geraadpleegd in uitvoering van de procedure van artikel 4, wijst de minister, op basis van de in artikel 4, § 2, vermelde criteria, de kandidaat of kandidaten aan die in aanmerking genomen worden ingevolge de aanbesteding. Deze aanwijzing geldt als individuele vergunning voor de elektriciteitsproductie in de zin van artikel 4.

 

§ 6.

De Algemene Directie Energie is verantwoordelijk voor de organisatie, de opvolging en de controle van de aanbestedingsprocedure bedoeld in §§ 1 tot 5. In dit kader neemt de Algemene Directie Energie alle nodige maatregelen om de vertrouwelijkheid van de informatie in de offertes te garanderen.