VERBRANDINGS- EN MEEVERBRANDINGSINSTALLATIES VOOR BIOMASSA-AFVAL

— "bestaande verbrandings-of meeverbrandingsinstallatie voor biomassa-afval": een verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie die vr 28 december 2002 over een omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit beschikt en in werking werd gesteld voor de verbranding of meeverbranding van biomassa-afval;

— "nieuwe verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie voor biomassa-afval": een verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie die op of na 28 december 2002 in werking wordt gesteld en over een omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit beschikt voor de verbranding of meeverbranding van biomassa-afval;

— "nominaal thermisch vermogen": de warmte-inhoud van de nominale hoeveelheid brandstof die per tijdseenheid kan worden toegevoerd aan een verbrandingsinstallatie of meeverbrandingsinstallatie, uitgedrukt in MW, en die is vermeld in de omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit voor de installatie in kwestie;

biomassa : producten die bestaan uit plantaardig landbouw- of bosbouwmateriaal dat gebruikt kan worden als brandstof om de energetische inhoud ervan te benutten alsook biomassa-afval;

- biomassa-afval : de volgende afvalstoffen :

a) plantaardig afval van land- en bosbouw;
b) plantaardig afval van de levensmiddelenindustrie, als de opgewekte warmte wordt teruggewonnen;
c) vezelachtig plantaardig afval afkomstig van de productie van ruwe pulp en van de productie van papier uit pulp, als het op de plaats van productie wordt meeverbrand en de opgewekte warmte wordt teruggewonnen;
d) kurkafval;
e) onbehandeld of louter mechanisch behandeld houtafval;
f) niet-verontreinigd behandeld houtafval, dus uitgezonderd houtmateriaal dat ten gevolge van een behandeling met houtbeschermingsmiddelen of door het aanbrengen van een beschermingslaag, gehalogeneerde organische verbindingen of zware metalen kan bevatten. Dat is in het bijzonder het geval voor houtafval, afkomstig van bouw- en sloopafval;

-“verontreinigd behandeld houtafval”: houtafval dat ten gevolge van een behandeling met houtbeschermingsmiddelen of door het aanbrengen van een beschermingslaag, gehalogeneerde organische verbindingen of zware metalen kan bevatten. Dat is in het bijzonder het geval voor houtafval, afkomstig van bouw- en sloopafval;

- directe spaandroger : droger waarin rechtstreeks warme gassen (meestal afkomstig van een verbrandingsinstallatie) worden doorgevoerd met de bedoeling spanen te drogen;

Indirecte spaandroger : droger waarin de spanen gedroogd worden met warmte via een warmtewisselaar;

Hybride droger : indirecte droger, waarbij een beperkt deel warme gassen van de verbrandingsinstallatie rechtstreeks over de spanen gevoerd wordt teneinde de waterdamp af te voeren;

Type-droger : ofwel direct, ofwel indirect ofwel hybride droger;

Nieuwe droger : de individuele drooginstallatie die op of na 28 december 2002 is vergund en waarbij de individuele capaciteit bepalend is voor de capaciteitscategorie;

Bestaande droger : de som van alle type-drogers van de inrichting die vr 28 december 2002 zijn vergund en waarbij de som van de individuele capaciteiten bepalend is voor de capaciteitscategorie;