Art. 5.2.3bis.1.4.

§ 1.

Vooraleer afvalstoffenbij de verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie in ontvangst worden genomen, volgt de exploitantvan de installatie ten minste de volgende inontvangstnemingsprocedures:

controle van de vereiste documenten;
controle van de conformiteit van de aangevoerde afvalstoffenmet de schriftelijke gegevens. Indien relevant worden de afvalstoffendaartoe op een representatieve wijze bemonsterd en geanalyseerd, waarbij de te analyseren parameters zo worden bepaald dat een sluitende conformiteitscontrole is verzekerd. De daartoe genomen monsters worden tot ten minste één maand na de verbranding bewaard.

 

§ 2.

Vooraleer gevaarlijke afvalstoffen bij de verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie kunnen worden aanvaard, moet de exploitant daarenboven over een beschrijving van de afvalstoffenbeschikken waarin de volgende gegevens zijn vermeld:

de oorsprong en de herkomst van de afvalstof;
de fysische en chemische samenstelling van de afvalstoffen, alsmede alle benodigde gegevens voor de beoordeling van de geschiktheid van die stoffen voor het bedoelde verbrandingsproces, gebaseerd onder meer op analyse van de afvalstoffen;
de gevaarlijke eigenschappen van de afvalstoffen, de stoffen waarmee ze niet mogen worden gemengd en de bij de behandeling van de afvalstof te treffen voorzorgsmaatregelen;
De aanvaarding gebeurt op basis van documenten die de voormelde gegevens bevatten.