HOOFDSTUK V.
Verweermiddelen


Afdeling I.
Algemene bepalingen


Art. 15.5.1.

1.

Voor de gevallen waarin de exploitant meent te voldoen aan de voorwaarden vermeld in de artikelen 15.5.3, 15.5.4, 15.5.5 of 15.5.6, betekent de exploitant zijn gemotiveerd standpunt tot terugbetaling van de gemaakte kosten bij aangetekende brief aan de bevoegde instantie.

Hij doet dat, op straffe van verval, binnen een termijn van negentig dagen na het voltooien van de maatregelen.

2.

De bevoegde instantie onderzoekt het gemotiveerde standpunt en oordeelt of de exploitant voldoet aan de gestelde voorwaarden.

De bevoegde instantie stelt die exploitant in kennis van haar beslissing binnen een termijn van zestig dagen na ontvangst van het gemotiveerde standpunt.

3.

Indien de bevoegde instantie oordeelt dat het verzoek van de exploitant tot terugbetaling gegrond is, neemt de bevoegde instantie binnen de perken van de daartoe voorziene kredieten op het Minafonds de passende maatregelen.

4.

Voor de gevallen waarin de exploitant zich beroept op het verweermiddel bedoeld in artikel 15.5.3 dient de exploitant de kosten in eerste instantie te verhalen op de derde. Wanneer niet kan worden vastgesteld wie de derdeveroorzaker is of deze niet solvabel is om de kosten geheel of gedeeltelijk te dragen, kan de exploitant zijn kosten of het niet-invorderbaar deel ervan verhalen overeenkomstig de in 1, tweede lid, bedoelde maatregelen.


Art. 15.5.2. De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op bodemschade.

Afdeling II.
Derdeveroorzaker en dwingend overheidsbevel


Art. 15.5.3. Een exploitant is niet verplicht de kosten van de overeenkomstig deze titel genomen maatregelen te dragen, indien hij kan bewijzen dat de milieuschade of de onmiddellijke dreiging dat dergelijke schade ontstaat veroorzaakt is door een derde, ondanks het feit dat passende veiligheidsmaatregelen waren getroffen en voorzover de betrokken derde geen rechtsvoorganger, vertegenwoordiger, aangestelde of uitvoeringsagent is van de exploitant.

Art. 15.5.4. Een exploitant is niet verplicht de kosten van de overeenkomstig deze titel genomen maatregelen te dragen, indien hij kan bewijzen dat de milieuschade, of de onmiddellijke dreiging dat dergelijke schade ontstaat, het gevolg is van de opvolging van een dwingende opdracht of instructie van een overheidsinstantie, tenzij het een opdracht of instructie betreft naar aanleiding van een emissie of een incident veroorzaakt door de activiteiten van de exploitant zelf.

Afdeling III.
Vergunning


Art. 15.5.5.

De exploitant behoeft niet de kosten te dragen van de herstelmaatregelen die op grond van deze titel worden genomen, indien hij bewijst dat hij :

1 niet in gebreke of nalatig is geweest;
2 de milieuschade is veroorzaakt door een emissie of gebeurtenis die uitdrukkelijk is toegestaan op grond van, en geheel in overeenstemming is met de voorwaarden van, een vergunning die is verleend bij of krachtens de toepasselijke federale en gewestelijke bepalingen en uitvoeringsbesluiten welke uitvoering geven aan de in bijlage IV genoemde wettelijke maatregelen van de Gemeenschap, als toegepast op de datum van de emissie of de gebeurtenis.


Afdeling IV.
Stand van de wetenschappelijke en technologische kennis


Art. 15.5.6.

De exploitant behoeft niet de kosten te dragen van de op grond van deze titel genomen herstelmaatregelen, indien hij bewijst dat hij :

1 niet in gebreke of nalatig is geweest;
2 de milieuschade is veroorzaakt door emissies of activiteiten of alle manieren waarop een product tijdens een activiteit wordt gebruikt, waarvan de exploitant kan bewijzen dat die op grond van de stand van de wetenschappelijke en technologische kennis op het tijdstip dat zij plaatsvonden, niet als schadelijk werden beschouwd.