Bijlage III. Criteria ter bepaling van de negatieve effecten als bedoeld in artikel 15.1.1, 6

Of een vorm van schade aanmerkelijke negatieve effecten heeft op het bereiken of het handhaven van de gunstige staat van instandhouding van soorten of natuurlijke habitats, wordt bepaald aan de hand van de referentietoestand, rekening houdende met de functies als gevolg van hun belevingswaarde en met hun capaciteit voor natuurlijke regeneratie.

Of de referentietoestand aanmerkelijke negatieve wijzigingen heeft ondergaan, wordt bepaald aan de hand van meetbare gegevens zoals :

a) het aantal exemplaren, de populatiedichtheid of de ingenomen oppervlakte;
b) de rol van afzonderlijke exemplaren of van de beschadigde oppervlakte in verhouding tot de soorten of de instandhouding van de habitat, de zeldzaamheid van de soort of de habitat zoals vastgesteld op plaatselijk, regionaal, nationaal of hoger niveau, met inbegrip van het communautaire niveau;
c) het voortplantingsvermogen van de soort volgens de voor die soort of populatie specifieke dynamiek, de levensvatbaarheid ervan of het natuurlijke regeneratievermogen van de habitat volgens de dynamiek die specifiek is voor de karakteristieke soort van die habitat of de populaties van die soort;
d) het vermogen van de soort of habitat om zich, nadat schade is opgetreden, binnen een korte periode en zonder ander ingrijpen dan het instellen van striktere beschermingsmaatregelen te herstellen tot een toestand die uitsluitend op basis van de dynamiek van de soort of habitat leidt tot een toestand die gelijkwaardig of beter wordt geacht dan de referentietoestand.

Effecten op de menselijke gezondheid worden beschouwd als aanmerkelijke negatieve effecten.

Als aanmerkelijke negatieve effecten worden niet beschouwd :

a) negatieve schommelingen die kleiner zijn dan de normale gemiddelde schommelingen voor een bepaalde soort of habitat;
b) negatieve schommelingen als gevolg van natuurlijke oorzaken of als gevolg van het ingrijpen in verband met het normale beheer van gebieden, zoals vastgelegd in habitatdossiers of in documenten waarin de doelen zijn uiteengezet, of zoals voordien uitgeoefend door eigenaars of exploitanten;
c) schade aan soorten of habitats waarvan bekend is dat zij binnen een korte periode en zonder ingrijpen herstellen tot de referentietoestand ofwel tot een toestand die uitsluitend op basis van de dynamiek van de soort of habitat leidt tot een toestand die gelijkwaardig of beter wordt geacht dan de referentietoestand.