Art. 16.4.17.

§ 1.

Tegen het besluit houdende bestuurlijke maatregelen, met inbegrip van de eventuele opgelegde bestuurlijke dwangsommen, kan degene ten aanzien van wie de bestuurlijke maatregelen zijn opgelegd, beroep indienen bij de minister.

 

§ 2.

De beroepsindiener kan, als er in het besluit houdende bestuurlijke maatregelen sprake is van de oplegging van verschillende maatregelen, het beroep beperken tot een of enkele van die maatregelen. Daarnaast kan hij ook beroep indienen tegen de bestuurlijke dwangsommen alleen. In dergelijk geval is het voorwerp van het beroep beperkt tot de bestuurlijke maatregelen of dwangsommen waartegen beroep wordt ingediend.

 

Als een maatregel waaraan een dwangsom is gekoppeld, het voorwerp is van het beroep, behoort de eraan gekoppelde dwangsom automatisch tot het voorwerp van dat beroep.

 

In de beroepsbeslissing wordt uitdrukkelijk vermeld welke bestuurlijke maatregelen of dwangsommen het voorwerp uitmaken van het ingediende beroep en bijgevolg van de beroepsbeslissing.

 

§ 3.

Op straffe van onontvankelijkheid wordt het beroep binnen een termijn van veertien dagen vanaf de kennisgeving van het besluit houdende de bestuurlijke maatregelen of de bestuurlijke dwangsommen ingediend. Het beroep schorst het besluit houdende de bestuurlijke maatregelen niet.

 

Binnen een termijn van negentig dagen na de kennisgeving van het beroep wordt erover uitspraak gedaan. De minister kan die termijn eenmalig verlengen met negentig dagen, op voorwaarde dat de beroepsindiener en de persoon die de bestuurlijke maatregelen heeft opgelegd, van deze termijnverlenging in kennis worden gesteld binnen de initiėle termijn van negentig dagen.

 

Bij gebrek aan een tijdige beslissing vervallen de bestuurlijke maatregelen of de bestuurlijke dwangsommen waartegen beroep is ingediend. De eventueel al verbeurde dwangsommen vervallen in dergelijk geval van rechtswege. Degene aan wie de bestuurlijke maatregelen of de bestuurlijke dwangsommen zijn opgelegd, en de persoon die de bestuurlijke maatregelen of de bestuurlijke dwangsommen heeft opgelegd, worden van het verval schriftelijk op de hoogte gebracht.

 

§ 4.

Als de minister het beroep geheel of gedeeltelijk gegrond verklaart, heft de minister de bestuurlijke maatregelen of bestuurlijke dwangsommen op voor het gedeelte waarvoor het beroep gegrond is verklaard, en kan de minister in voorkomend geval nieuwe bestuurlijke maatregelen of dwangsommen opleggen.

 

Als de minister het beroep tegen een bestuurlijke maatregel waaraan een dwangsom was gekoppeld, geheel of gedeeltelijk gegrond verklaart, vervallen van rechtswege de eraan gekoppelde dwangsommen en de eventueel al verbeurde bedragen voor het gedeelte waarvoor het beroep gegrond is verklaard.

 

§ 5.

Als de minister het beroep ongegrond verklaart, bevestigt de minister de bestuurlijke maatregelen of de bestuurlijke dwangsommen voor het gedeelte waarvoor het beroep ongegrond is verklaard.

 

§ 6.

De Vlaamse Regering stelt de nadere regels van het beroep vast.