Art. 16.6.1.

1.

Elke opzettelijke of door gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid gepleegde schending van de door deze titel gehandhaafde milieuvoorschriftenis strafbaar met een gevangenisstraf van een maand tot twee jaar en met een geldboete van 100 euro tot 250.000 euro of met een van die straffen.

Deze straffen gelden niet voor :

1 de gedragingen die op basis van artikel 16.1.2, 1, en op basis van artikel 16.4.27, derde lid, als milieu-inbreuk zijn gedefinieerd;
2 [...]
3 de overtreding van de verplichting tot aangifte en betaling van de milieuheffingen, vermeld in artikel 50 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen, en de verplichting tot betaling van de administratieve geldboete, vermeld in artikel 58 van voormeld decreet;
4 [...]
5 het niet voldoen aan administratieve verplichtingen in het kader van een aanvraagprocedure, zoals een procedure tot aanvraag van een vergunning of machtiging, tot aanvraag van een subsidie of tot het verkrijgen van een erkenning, behalve wanneer opzettelijk informatie niet of onvolledig werd meegedeeld of wanneer opzettelijk onjuiste informatie werd meegedeeld;
6 het niet voldoen aan de administratieve vormvereisten die bij een melding in acht genomen moeten worden, met behoud van de toepassing van artikel 16.6.1, 1, eerste lid, op het nalaten van enige voorafgaande melding van de betrokken activiteit.

2.

De volgende personen worden bestraft met een gevangenisstraf van een maand tot een jaar en met een geldboete van 100 euro tot 100.000 euro of met een van die straffen :

1 personen die opzettelijk opgelegde bestuurlijke maatregelen, bestuurlijke geldboeten, voordeelontnemingen, veiligheidsmaatregelen of door de rechter opgelegde maatregelen niet uitvoeren, betalen of negeren;
2 personen die opzettelijk de in artikel 16.3.10, 1, 2, 3, 4, en 5, bedoelde toezichtrechten schenden.
2/1 personen die opzettelijk niet meewerken aan een identiteitscontrole als vermeld in artikel 16.3.26bis en 16.5.11;
3 personen die de orde van de zittingen van het handhavingscollege verstoren, zoals blijkt uit het proces-verbaal van de zitting.
4 personen die een bevel als vermeld in artikel 61, 6, van het Mestdecreet van 22 december 2006, niet uitvoeren of negeren;