Hoofdstuk IV.
Meet- en registratieverplichtingen.


Art. 3.4.1.

§ 1

De Vlaamse regering kan door middel van algemene of sectorale milieuvoorwaarden aan de exploitant van een inrichting of activiteit waarvan de emissies naar omvang of aard de door de regering bepaalde drempels overschrijden, de verplichting opleggen om de emissie- of immissiewaarden voortdurend of periodiek te meten of te berekenen en te registeren. De vergunningverlenende overheid kan dezelfde verplichting opleggen aan de exploitant van een inrichting of activiteit.

 

In gebieden waar bijzondere milieukwaliteitsnormen gelden als bedoeld in artikel 2.2.3, § 3, van dit decreet, kunnen lagere drempelwaarden worden bepaald of verdergaande verplichtingen worden opgelegd.

 

§ 2

Onverminderd artikel 3.5.1 houdt de exploitant deze gegevens ter beschikking van de toezichthouders. Hij bewaart ze gedurende ten minste 5 jaar.


Art. 3.4.2.

§ 1

De Vlaamse regering kan door middel van algemene of sectorale milieuvoorwaarden aan de exploitant van een inrichting of activiteit waaraan risico's voor bodem- of grondwaterverontreiniging zijn verbonden, verplicht worden peilputten aan te leggen. De vergunningverlenende overheid kan dezelfde verplichting opleggen aan de exploitant van een inrichting of activiteit.

 

§ 2

De exploitant van een dergelijke inrichting of activiteit kan verplicht worden de kwaliteit van het grondwater op gezette tijdstippen te meten en te registeren.

 

§ 3

De exploitant houdt deze gegevens ter beschikking van de toezichthouders. Hij bewaart ze gedurende ten minste 5 jaar.


Art. 3.4.3.

§ 1

Met behoud van de toepassing van artikel 23, eerste lid, en artikel 30 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen, kan door middel van algemene of sectorale milieuvoorwaarden of in de omgevingsvergunning, de exploitant
van een inrichting of activiteit verplicht worden :

a) een register bij te houden van de gevaarlijke stoffen die er aanwezig zijn;
b) energie- en grondstoffenbalansen op te stellen.

 

§ 2

De exploitant houdt deze gegevens ter beschikking van de toezichthouders. Hij bewaart ze gedurende ten minste 5 jaar.