Art. 20/2.
Onverminderd de andere door deze wet voorziene maatregelen, kan de Commissie elke in België gevestigde natuurlijke of rechtspersoon verplichten tot naleving van specifieke bepalingen [van deze wet, de uitvoeringsbesluiten ervan, van latere wetten betreffende de tarieven of betreffende de bijdrage bedoeld in artikel 15/11, of van alle andere bepalingen op de toepassing waarvan ze toeziet krachtens artikel 15/14, § 2, tweede lid, 5° [en 5°bis],] binnen de termijn bepaald door de Commissie. Indien deze persoon bij het verstrijken van de termijn in gebreke blijft, kan de Commissie, op voorwaarde dat de persoon werd gehoord of naar behoren werd opgeroepen, [in aanwezigheid van zijn raadsman] een administratieve geldboete opleggen. De geldboete mag, per kalenderdag, [niet lager zijn dan 1.240 euro, noch hoger zijn dan [10]] procent van de omzet die de betrokken persoon heeft gerealiseerd op de nationale [aardgasmarkt] tijdens het laatste afgesloten boekjaar [...]. [...]]
[Bovendien, indien deze persoon bij het verstrijken van de termijn, bepaald door de commissie, in gebreke blijft al de bepalingen na te leven op de toepassing waarvan de commissie toeziet krachtens artikel 15/14, § 2, tweede lid, 5°bis, kan de commissie, op voorwaarde dat de persoon werd gehoord of naar behoren werd opgeroepen in aanwezigheid van zijn raadsman, een dwangsom opleggen. De dwangsom mag, per kalenderdag, niet minder bedragen dan 250 euro, noch meer bedragen dan 50.000 euro, noch in het totaal 2.500.000 euro overschrijden.
In het geval van recidive van een persoon die nalaat om zich in overeenstemming te brengen met de bepalingen waarover de commissie toezicht uitoefent op de naleving ervan uit hoofde van artikel 15/14, § 2, tweede lid, 5°bis, kan de commissie de geldboete en/of de dwangsom maximaal vermeerderen tot het dubbele van het maximale bedrag zoals bedoeld in het eerste en het tweede lid.
De geldboete en de dwangsom worden ten gunste van de Schatkist geďnd door de Administratie bevoegd voor de niet-fiscale invordering binnen de FOD Financiën.]
[De administratieve boetes [en de dwangsommen] die door de commissie opgelegd worden aan de aardgasvervoersnetbeheerder, beheerder van een opslaginstallatie, beheerder van een LNG installatie en de distributienetbeheerders worden niet opgenomen in hun kosten maar worden in mindering gebracht van hun billijke winstmarges. De aardgasbedrijven mogen evenmin aan hun afnemers de bedragen van de administratieve boetes [en de dwangsommen] die de commissie hen oplegt doorfactureren.]