Art. 23.
In geval van dreigende crisis of van plotse crisis op de energiemarkt, of wanneer de bevoorradingszekerheid van het land in gedrang komt, of wanneer de fysieke veiligheid van personen, de veiligheid of betrouwbaarheid van uitrusting of installaties of de integriteit van de vervoernetten wordt bedreigd, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, na advies van de Commissie [en in overleg met de aardgasvervoersnetbeheerder, de beheerder van een opslaginstallatie, de beheerder van een LNG installatie], de nodige beschermingsmaatregelen nemen, met inbegrip van tijdelijke afwijkingen van de bepalingen van deze wet.]
[Deze maatregelen moeten zo min mogelijk storingen veroorzaken in de werking van de Europese interne markt en mogen de strikt onontbeerlijke draagwijdte niet overstijgen die nodig is om te verhelpen aan de plotse moeilijkheden die zich hebben voorgedaan.
De minister geeft onmiddellijk kennis van deze maatregelen aan de andere lidstaten van de Europese Unie en aan de Europese Commissie.]