Art. 4.

De provincies zorgen ervoor dat ten minste de volgende milieu-informatie op elektronische wijze ter beschikking wordt gesteld :

  1. de teksten van provinciale regelgeving;
  2. de provinciale beleidsbrieven en de beleidsverklaringen;
  3. de goedgekeurde provinciale plannen en programma’s;
  4. de voortgangsverslagen inzake de uitvoering van de onderwerpen, vermeld in punt 1 tot en met 3;
  5. de provinciale milieu- en natuurrapporten;
  6. gegevens of samenvattingen van gegevens afkomstig van het monitoren van activiteiten die gevolgen voor het milieu hebben of waarschijnlijk zullen hebben en die door of namens de provincie zijn verzameld, of die voor de provincie worden beheerd.