Art. 16.6.3quater.

Wie opzettelijk, in strijd met de milieuvoorschriften, betekenisvolle schade toebrengt aan een habitat van bijlage I, een habitat van een soort van bijlage II of III, of het leefgebied van een soort van bijlage IV van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu binnen de perimeter van een definitief vastgestelde speciale beschermingszone afgebakend op grond van artikel 36bis van hetzelfde decreet wordt gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot vijf jaar en met een geldboete van 100 tot 500.000 euro of met één van die straffen alleen.

 

Wie door gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid in strijd met de milieuvoorschriften betekenisvolle schade toebrengt aan een habitat van bijlage I, een habitat van een soort van bijlage II of III, of het leefgebied van een soort van bijlage IV van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu binnen de perimeter van een definitief vastgestelde speciale beschermingszone afgebakend op grond van artikel 36bis van hetzelfde decreet, wordt gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot drie jaar en met een geldboete van 100 tot 350.000 euro of met één van die straffen alleen.

 

Wie opzettelijk de milieuvoorschriften van artikel 25, § 3, 2°, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu niet naleeft, wordt gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot vijf jaar en met een geldboete van 100 euro tot 500.000 euro of met één van die straffen alleen. Wie door gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid, de milieuvoorschriften an artikel 25, § 3, 2°, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud niet naleeft, wordt gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot drie jaar en met een geldboete van 100 euro tot 350.000 euro of met één van die straffen alleen.