Decreet MINA-fonds
Decreet van 23 januari 1991 tot oprichting van het fonds voor de preventie en sanering inzake leefmilieu en natuur als gewestdienst met afzonderlijk beheer

Artikel 1. Dit decreet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 107quater van de Grondwet.

Art. 2. Er wordt een Fonds voor Preventie en Sanering inzake Leefmilieu en Natuur opgericht, afgekort MINA-fonds. Het MINA-fonds is een Gewestdienst met Afzonderlijk Beheer, als bedoeld in artikel 65 van de wet van 28 juni 1963 tot wijziging en aanvulling van de wetten op de Rijkscomptabiliteit. De Vlaamse Executieve beheert het MINA-fonds. Zij stelt de nodige diensten, uitrusting, installaties en personeelsleden ter beschikking van het Fonds.

Art. 3.

De begroting van het MINA-fonds wordt gestijfd door :

de ontvangsten uit de milieuheffingen in uitvoering van het decreet van 2 juli 1981 betreffende het beheer van afvalstoffen;
de ontvangsten verkregen door toepassing van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging;
de ontvangsten verkregen door de toepassing van het decreet van 23 mei 1990 betreffende de afgifte van jachtverloven en jachtvergunningen;
[...]
de ontvangsten verkregen door toepassing van wetten, decreten en reglementen inzake de bescherming van het leefmilieu betreffende de verontreiniging door meststoffen;
de dotaties ingeschreven in het decreet houdende de algemene uitgavenbegroting en in de administratieve begroting van het Vlaamse Gewest;
[…] de aflossingen, de terugbetalingen, de bijdragen en de opbrengst van verkopen en van andere verrichtingen naar gelang het geval, voortkomende uit of gerealiseerd met de middelen van het MINA-fonds, of van de kredieten in het verleden aangewend inzake leefmilieu, watervoorziening, groenvoorziening en natuurbehoud; 
de opbrengst van de verkoop, van de vergoeding van dossierkosten en van de vergunningen en verloven in toepassing van de wetten en reglementen inzake leefmilieu, natuurbehoud, watervoorziening en groenvoorziening;
de geļnde administratieve geldboeten, alsmede alle andere bedragen geļnd ingevolge vorderingen door de diensten van het Vlaamse Gewest ingeleid of ingevolge uitspraken van de hoven en de rechtbanken, lastens de overtreders van de wetgeving en reglementering inzake leefmilieu, groenvoorziening, watervoorziening en natuurbehoud;
10° de bijstand van de Europese Gemeenschappen betreffende de door de Vlaamse Gemeenschap gedane uitgaven in verband met leefmilieu, natuurbehoud, watervoorziening en bos- en groenvoorziening;
11° het per 31 december van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar beschikbare saldo van het MINA-fonds;
12° alle andere middelen die nuttig zijn in het kader van de doelstelling van het MINA-fonds en die inzonderheid ingevolge wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen aan het MINA-fonds toekomen evenals de opbrengsten van beleggingen, terugstortingen en toevallige ontvangsten.
13° het aan het Vlaamse Gewest toegewezen gedeelte van de opbrengst van de milieutaks, bedoeld in artikel 3, eerste lid, 8° van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, en het aan het Vlaamse Gewest toegewezen gedeelte van de opbrengst van de federale regelgeving met betrekking tot de vleestaks.
14° de ontvangsten uit de grondwaterheffing in uitvoering van het decreet van 24 januari 1984 houdende maatregelen inzake het grondwaterbeheer.

Art. 4.

Het MINA-fonds financiert de uitgaven, ongeacht de aard, tot al wat dienen kan met betrekking tot het beleid van het Vlaamse Gewest inzake de preventie, de bescherming, de administratie, het beheer en de sanering van het leefmilieu, met inbegrip van de watervoorziening, het natuurbehoud en de bos- en groenvoorziening, in de ruime zin, […]. Het MINA-fonds financiert eveneens de uitgaven van de vergoeding van wildschade in de gevallen bedoeld in artikel 25 van het Jachtdecreet van 24 juli 1991 en van de subsidiėring van de beheerseenheden, zoals bedoeld in artikel 12 van het Jachtdecreet.


[...]


Art. 5.

§ 1

De vastlegging en de ordonnancering der uitgaven ten laste van het MINA-fonds doet de Vlaamse regering, onverminderd de regelen inzake de administratieve en begrotingscontrole en onverminderd de regelen inzake delegatie van bevoegdheden in de Vlaamse regering die op het MINA-fonds toepasselijk zijn.

 

§ 2

Het decreet houdende de begroting van het Vlaamse Gewest bepaalt elk jaar het bedrag van de vastleggingsmachtiging gehecht aan het MINA-fonds.

 

§ 3

Het per 31 december van het lopende jaar beschikbare saldo van het MINA-fonds wordt overgedragen naar het volgende begrotingsjaar.


Art. 6.

§ 1

In de artikelen 13, 87 en 112 van het Bosdecreet van 13 juni 1990 worden de woorden " Fonds dat is ingeschreven in de begroting van het Vlaamse Gewest voor de reconstitutie en de rationalisatie van het bospatrimonium " vervangen door de woorden " Fonds voor Preventie en Sanering inzake Leefmilieu en Natuur dat is ingeschreven in de begroting van het Vlaamse Gewest ".

 

§ 2

Het per 31 december 1990 beschikbare saldo van het fonds sub artikel 66.05.72, sectie 72, afdeling II, van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap (Fonds voor de reconstitutie en de rationalisatie van het bospatrimonium van het Gewest) wordt overgeschreven naar het MINA-fonds. De uitstaande vastleggingen ten laste van voormeld fonds artikel 66.05.72 worden vanaf 1 januari 1991 overgenomen door het MINA-fonds.


Art. 7.

§ 1

Het per 31 december 1990 beschikbare saldo en de op die datum nog openstaande verbintenissen van het fonds ingeschreven sub artikel 60.10.71, sectie 71, afdeling II van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap (Fonds voor Preventie en Sanering inzake Milieu en Natuur) worden overgedragen naar het MINA-fonds.

 

§ 2

De voornoemde op 31 december 1990 beschikbare ordonnanceringssaldi op de hiernavermelde fondsen van afdeling II worden ambtshalve overgeboekt op daartoe te openen rekeningen (orderekeningen van de Thesaurie) teneinde ze over te dragen aan het MINA-fonds :
Fonds afdeling II.
60.10.71 A
66.05.72 A.

 

§ 3

De Vlaamse regering stelt het bedrag van de saldi vast.


Art. 8. Bij het terugvloeien naar de NV Vlaamse Milieuholding, hierna te noemen Milieuholding, van de financiėle middelen die ter beschikking werden gesteld voor een projekt door het MINA-fonds en de Milieuholding, worden de ontvangen bedragen verdeeld tussen het MINA-fonds en de Milieuholding naar rata van het geheel van de middelen door elk van hen ter beschikking gesteld voor het betrokken project. Ingeval de voor een bepaald project geļnvesteerde of uitgeleende bedragen niet geheel zouden worden terugbetaald tengevolge van een faillissement of een definitieve waardevermindering, wordt het niet aan het MINA-fonds teruggestorte bedrag van rechtswege kwijtgescholden als schuld van de NV Vlaamse Milieuholding aan het MINA-fonds. Die definitieve waardevermindering moeten blijken uit een attest van de commissaris-revisor van de Milieuholding dat aan de Vlaamse minister bevoegd inzake leefmilieu ter goedkeuring wordt voorgelegd.

Art. 9.

§ 1

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 65 van de wet van 28 juni 1963 inzake de Rijkscomptabiliteit legt de Vlaamse regering jaarlijks en uiterlijk op 30 september de begroting van het MINA-fonds voor het volgende jaar aan het Vlaamse Parlement ter goedkeuring voor.

 

§ 2

De Vlaamse regering brengt jaarlijks vóór 30 juni bij het Vlaamse Parlement omstandig verslag uit over de inkomsten en de uitgaven, de actieprogramma's en de werking van het MINA-fonds tijdens het afgelopen begrotingsjaar.


Art. 10. Dit decreet treedt in werking op 1 januari 1991.