Art. 1bis.
Deze wet verstaat onder wild alle dieren die behoren tot de in dit artikel bedoelde soorten.
Het wild wordt volgens volgende categorieŽn gerangschikt:
a)
Grof wild: edelherten (Cervus elaphus), reeŽn (Capreolus capreolus), damherten (Dama dama), moeflons (Ovis musimon), en wilde zwijnen (Sus scrofa);
b)
Klein wild: hazen (Lepus europaeus), fazanten (Phasianus colchicus), [...], patrijzen (Perdix perdix), houtsnippen (Scolopax rusticola), en koperwieken (Turdus iliacus), grote lijsters (Turdus viscivorus), kramsvogels (Turdus pilaris), kwartels (Coturnix coturnix), merels (Turdus merula) en Schotse sneeuwhoenders (Lagopus scoticus);
c)
Waterwild: alle soorten ganzen en eenden (Anatidae), voor zover deze vogels niet als pluimvee worden gehouden, goudplevieren (Pluvialis apricarius), watersnippen (Gallinago gallinago), poelsnippen (Gallinago media), bokjes (Lymnocryptes minimus), meerkoeten (Fulica astra), en kieviten (Vanellus vanellus), kokmeeuwen (Larus ridibundus), zilvermeeuwen (Larus argentatus), en waterhoenders (Gallinula chloropus);
d)
Overig wild: houtduiven (Columba palumbus), zwarte en bonte kraaien (Corvus corone corone en Corvus corone cornix), roeken (Corvus frugilegus), kauwen (Corvus monedula), Vlaamse gaaien (Garrulus glandarius), eksters (Pica pica), konijnen (Oryctolagus cuniculus), vossen (Vulpes vulpes), wilde katten (Felis sylvestris), verwilderde katten (Felis catus) bunzings (Putorius putorius), hermelijnen (Mustela erminea), wezels (Mustela nivalis), eekhoorns (Sciurus vulgaris), boom- en steenmarters (Martes martes en Martes foina), dassen (Meles meles), otters (Lutra lutra), en zeehonden (Phoca vitulina en Halichoerus grypus).]
[Echter, in het Waalse Gewest, is de otter (lutra lutra) niet als wild beschouwd.]
Waals Gewest