Art. 5bis.

§ 1

In het Waalse Gewest is het verplicht, vanuit een ethisch standpunt, gekwetst wild op te sporen.
Deze opsporing is uitgevoerd door de houder van het jachtrecht of, onder zijn verantwoordelijkheid, door de door hem aangestelde personen.
De houder van het jachtrecht kan de afgevaardigden aanstellen van de in artikel 1quinquies bedoelde erkende verenigingen voor de opsporing van gekwetst grof wild.
De aanstelling kan mondeling of schriftelijk zijn.
Iedere gewapende persoon, die gekwetst wild opspoort, moet in het bezit zijn van een jachtverlof.

§ 2

In het Waalse Gewest is het opsporen van gekwetst wild op andermans terrein toegelaten zonder de in artikel 4, 1e lid, bedoelde toestemming en in afwijking van artikel 5.
Deze opsporing kan echter niet plaatsvinden:
op de plaatsen die een woning vormen in de zin van artikel 15 van de Grondwet;
zonder voorafgaande schriftelijke of mondelinge verwittiging van de betrokkene houder van het jachtrecht of van zijn beėdigde jachtopziener.

§ 3

De inbreuken op de bepalingen van dit artikel worden gestraft met een geldboete van 100 tot 200 [euro].]
Waals Gewest