Art. 12ter.

§ 1

Met uizondering van het wild zwijn is het bijbrengen van voedsel voor het grof wild verboden.

§ 2

Nochtans, na advies van [de Beleidsgroep Landelijke Aangelegenheden], kan het bijbrengen van voedsel toegelaten worden of verplicht zijn als aanvulling onder de door de Regering vastgelegde voorwaarden, tussen 1 november en 30 april, op een geheel van biologische gelijkaardige terreinen.

§ 3

Na advies van [de Beleidsgroep Landelijke Aangelegenheden] kan de Regering strikt in de tijd beperkte afwijkingen van de bepalingen van §§ 1 en 4 toestaan voor het belang van de wetenschap, het natuurbehoud of voor sanitaire doeleindes.

§ 4

Het voedsel bijbrengen voor wilde zwijnen kan enkel plaatsvinden als afleiding om de teelten van belangrijke schade te beschermen en onder de voorwaarden bepaald door de Regering na advies van [de Beleidsgroep Landelijke Aangelegenheden].

§ 5

De inbreuken op de bepalingen van dit artikel worden gestraft met een geldboete van 100 tot 1000 [euro].]