Afdeling I.
Aanwijzing van de netbeheerders


Art. 4.1.1.
De VREG wijst, voor een [aaneensluitend] geografisch afgebakend gebied, een rechtspersoon aan die belast is met het beheer van [het elektriciteits- en het aardgasdistributienet] in dat gebied.
[In afwijking van het eerste lid wordt voor de beoordeling of een netbeheerder over een geografisch aaneensluitend afgebakend gebied beschikt echter geen rekening gehouden met het grondgebied van de gemeente Voeren en het grondgebied van de gemeente Baarle-Hertog dat volledig omgeven is door Nederlands grondgebied.
In afwijking van het eerste lid kan de VREG, voor het grondgebied van de gemeente Baarle-Hertog dat volledig omgeven is door Nederlands grondgebied en als daarvoor een technische of financiële noodzaak bestaat, een verschillende elektriciteitsdistributienetbeheerder en aardgasdistributienetbeheerder aanstellen.]
Als het distributienet in kwestie geheel of gedeeltelijk eigendom is van een gemeente of groep van gemeenten, doet de VREG de aanwijzing op voorstel van die gemeente of groep van gemeenten. De VREG kan alleen afwijken van dit voorstel, als de voorgestelde netbeheerder niet voldoet aan de voorwaarden, vastgesteld ter uitvoering van artikel 4.1.4, § 1, 1°.

Art. 4.1.2.
De VREG stelt een lijst op met de elektrische leidingen met een nominale spanning van minder dan of gelijk aan 70 kilovolt, en de bijbehorende installaties, die gelegen zijn in het Vlaamse Gewest en die voornamelijk gebruikt worden voor het vervoer van elektriciteit naar distributienetten. Dat geheel van elektrische leidingen en installaties vormt het plaatselijk vervoernet van elektriciteit.
De VREG wijst een rechtspersoon aan die belast wordt met het beheer van het plaatselijk vervoernet van elektriciteit in het Vlaamse Gewest, zoals vermeld in het eerste lid.
Alleen de beheerder van het plaatselijk vervoernet van elektriciteit kan elektrische leidingen aanleggen en beheren met een nominale spanning van minder dan of gelijk aan 70 kilovolt, die gebruikt worden voor het vervoer van elektriciteit naar distributie-netten.
Op eigen initiatief of op verzoek van de beheerder van het plaatselijk vervoernet van elektriciteit kan de VREG de lijst wijzigen van het geheel van elektrische leidingen en installaties die het plaatselijk vervoernet van elektriciteit uitmaken, als vermeld in het eerste lid.

Art. 4.1.3.
De aanwijzing, vermeld in artikel 4.1.1 en artikel 4.1.2, tweede lid, is geldig voor een hernieuwbare termijn van twaalf jaar.

Art. 4.1.4.

§ 1

De Vlaamse Regering bepaalt, op advies van de VREG:
de voorwaarden waaraan een kandidaat-netbeheerder moet voldoen om te kunnen worden aangewezen als netbeheerder en waaraan een netbeheerder moet blijven voldoen om aangewezen te blijven als netbeheerder;
de voorwaarden en gevallen waarin kan of moet worden overgegaan tot wijziging van de aanwijzing of beëindiging van de aanwijzing van de netbeheerder;
de procedure die nageleefd moet worden bij de aanwijzing van een netbeheerder, evenals bij de wijziging en de beëindiging van een aanwijzing van een netbeheerder.

§ 2

De voorwaarden, vermeld in § 1, 1°, hebben in ieder geval betrekking op:
de technische, organisatorische en financiële capaciteit van de (kandidaat-)netbeheerder [inclusief het beschikken over een door de VREG gecontroleerd ondernemingsplan];
de professionele betrouwbaarheid van de (kandidaat-)netbeheerder;
het exploitatie- of gebruiksrecht van de (kandidaat-)netbeheerder over het distributienet in kwestie;
de beheersmatige en juridische onafhankelijkheid van de (kandidaat-)elektriciteitsdistributienetbeheerder ten aanzien van de leveranciers, tussenpersonen[, aanbieders van energiediensten, ESCO's, aggregatoren] en producenten die actief zijn in het Vlaamse Gewest, en de met deze ondernemingen verbonden en geassocieerde ondernemingen en de beheersmatige en juridische onafhankelijkheid van de (kandidaat-)aardgasdistributienetbeheerder ten aanzien van de leveranciers, tussenpersonen en aardgasinvoerders die actief zijn in het Vlaamse Gewest;
[de capaciteit om bij de uitoefening van zijn activiteiten inzake databeheer, zoals vermeld in artikel 4.1.8/2, te voldoen aan de vereisten van de algemene verordening gegevensbescherming;]
[de capaciteit om de uniforme voorwaarden na te leven voor een continu risicobeheersingssysteem met betrekking tot de waarschijnlijkheid en ernst van de uiteenlopende risico's voor de rechten en vrijheden van natuurlijke personen.]

§ 3

De voorwaarden, vermeld in § 2, 4°, hebben onder meer betrekking op de activiteiten van de netbeheerder, de deelneming van andere ondernemingen in de netbeheerder, de deelneming van de netbeheerder in andere ondernemingen, de verhouding van de netbeheerder tot derden, het bestuursorgaan van de netbeheerder, het orgaan dat belast is met de dagelijkse leiding van de netbeheerder en de personeelsleden van de netbeheerder.

§ 4

De voorwaarden en gevallen waarin kan of moet worden overgegaan tot wijziging van de aanwijzing of beëindiging van de aanwijzing van de netbeheerder, vermeld in § 1, 2°, bepalen onder meer dat de aanwijzing van de netbeheerder eindigt bij faillissement, ontbinding of fusie en dat de VREG de aanwijzing van een netbeheerder kan herroepen, op voorwaarde dat die werd gehoord of naar behoren werd opgeroepen, bij:
een significante wijziging in het aandeelhouderschap van de netbeheerder of de werkmaatschappij waarop de netbeheerder een beroep doet, die de onafhankelijkheid van het beheer van het net [of de activiteiten inzake databeheer] in kwestie in gevaar zou kunnen brengen;
een grove tekortkoming van de netbeheerder of de werkmaatschappij waarop hij een beroep doet, met betrekking tot de verplichtingen krachtens dit decreet of de uitvoeringsbepalingen ervan;
[een grove tekortkoming met betrekking tot de naleving van de algemene verordening gegevensbescherming.]