Afdeling V.
Aansluiting op een distributienet of het plaatselijk vervoernet van elektriciteit


Art. 4.1.12.
Iedere netbeheerder maakt de geldende tarieven en voorwaarden bekend voor de aansluiting op zijn net.

Art. 4.1.13.

§ 1

De aardgasdistributienetbeheerder mag voor de aansluiting van een aansluitbare wooneenheid of gebouw op het aardgasdistributienet in de gebieden in het geografische gebied waarvoor hij werd aangewezen, een maximale prijs aanrekenen van 250 euro als cumulatief aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
de aardgasleiding langs de openbare weg waar de aansluitbare wooneenheid of het aansluitbare gebouw gelegen is, heeft voldoende capaciteit;
er is maximaal 20 meter afstand tussen de aardgasleiding en het toekomstige afnamepunt;
de gevraagde capaciteit van de aansluiting is lager dan of gelijk aan 10 m3(n) per uur;
de gevraagde leveringsdruk is gelijk aan 21 of 25 mbar.

§ 2

Als de aardgasdistributienetbeheerder om technische of economische redenen toch beslist om een niet-aansluitbare wooneenheid of gebouw gelegen in een gebied bestemd voor bewoning via een onderboring aan te sluiten op een aardgasleiding aan de overkant van de straat, mag hij in het geografische gebied waarvoor hij werd aangewezen, voor de aansluiting een maximale prijs aanrekenen van 250 euro als cumulatief aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
de aardgasleiding langs de openbare weg waar het aansluitbare wooneenheid of het aansluitbare gebouw gelegen is, heeft voldoende capaciteit;
er is maximaal 20 meter afstand tussen de aardgasleiding en het toekomstige afnamepunt;
de gevraagde capaciteit van de aansluiting is lager dan of gelijk aan 10 m3(n) per uur;
de gevraagde leveringsdruk is gelijk aan 21 of 25 mbar.

Art. 4.1.14.
Elke elektriciteitsdistributienetbeheerder is ertoe gehouden om [[...] afnemer die elektriciteit [...] koopt voor eigen huishoudelijk gebruik en niet voor commerciėle of professionele activiteiten] overeenkomstig de regels van het toepasselijke technisch reglement aan te sluiten op het elektriciteitsdistributienet als de huishoudelijke afnemer erom vraagt, op voorwaarde dat:
a)
de aanvrager bij nieuwbouw een geldige [omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen] kan voorleggen;
b)
een bestaande woning hoofdzakelijk vergund is of geacht wordt vergund te zijn.

Art. 4.1.15.
Elke aardgasdistributienetbeheerder is ertoe gehouden om [elke afnemer die aardgas koopt voor eigen huishoudelijk gebruik en niet voor commerciėle of professionele activiteiten] overeenkomstig de regels van het toepasselijke technisch reglement aan te sluiten op het aardgasdistributienet als [hij daartoe verzocht wordt], op voorwaarde dat:
a)
de aanvrager bij nieuwbouw een geldige [omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen] kan voorleggen;
b)
een bestaande wooneenheid of een bestaand gebouw hoofdzakelijk vergund is of geacht wordt vergund te zijn;
c)
[...]

Art. 4.1.16.
Onverminderd artikel 4.1.13 is voor de netuitbreiding of netversterking met het oog op de aansluiting van een wooneenheid of gebouw het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein van de verbinding tussen de lagedrukleiding of de residentiėle middendrukleiding, vermeld in artikel 1.1.3, 3°, c), enerzijds, en de wooneenheid of het gebouw, anderzijds, ten laste van de aardgasdistributienetbeheerder, behalve in de gevallen die door de Vlaamse Regering worden bepaald.
Voor de netuitbreiding of netversterking met het oog op de ontsluiting van een verkaveling is het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein van de verbinding tussen de lagedrukleiding of de residentiėle middendrukleiding, vermeld in artikel 1.1.3, 3°, c), enerzijds, en de verkaveling, anderzijds, ten laste van de aardgasdistributienetbeheerder, behalve in de gevallen die door de Vlaamse Regering worden bepaald.
De Vlaamse Regering houdt voor het vaststellen van de uitzonderingen, vermeld in het eerste en tweede lid, minstens rekening met de aanwezigheid van andere netten en de energieprestaties van de aan te sluiten gebouwen.
De aanvrager van de aansluiting of verkaveling draagt de overige kosten.
De VREG beslist, met toepassing van afdeling XII, over het rendabele deel van de kosten voor de aanleg op het openbaar domein tussen het aardgasdistributienet en de wooneenheid, het gebouw of de verkaveling.

Art. 4.1.17.
Iedere aardgasdistributienetbeheerder stelt jaarlijks op zijn website en in zijn klantenkantoren een indicatieve lijst ter beschikking van het publiek die per gemeente, de straten aangeeft waar de [aardgasdistributienetbeheerder] volgens zijn investeringsplan in de komende drie jaren aardgasleidingen zal aanleggen. Als de aardgasleiding niet in de volledige straat of aan beide kanten zal worden aangelegd, worden de huisnummers en de straatkant vermeld waarlangs de aardgasleiding zal worden aangelegd. De aardgasdistributienetbeheerder bezorgt die gegevens ook aan de betrokken gemeente.