Art. 13.4.4.

§ 1

De betrokkene wordt van de beslissing tot het opleggen van de administratieve geldboete in kennis gesteld met een aangetekende brief met bericht van ontvangst. De met redenen omklede kennisgeving vermeldt het bedrag van de administratieve geldboete, de bepalingen die van belang zijn en de beroepsmogelijkheid.

§ 2

De ambtenaren, daartoe aangewezen door de Vlaamse Regering, beslissen over de gemotiveerde verzoeken om kwijtschelding, vermindering of uitstel van betaling van de administratieve geldboeten, vermeld in artikel 13.4.1, § 1, §§ 3, 4, 5, 6, 7 en 8, artikel 13.4.2, § 1, [artikel 13.4.2/1] en artikel 13.4.3, § 1, die de betrokkene met een aangetekende brief aan hen richt. Het verzoek schorst de bestreden beslissing.
De in het eerste lid vermelde verzoeken worden binnen vijftien kalenderdagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte op de post van de in § 1, vermelde aangetekende brief, gericht aan de daartoe door de Vlaamse Regering aangewezen ambtenaren.
De beslissing van de daartoe door de Vlaamse Regering aangewezen ambtenaren wordt binnen dertig kalenderdagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte op de post van het in het eerste lid vermelde verzoek, ter kennis gebracht van de indiener van het verzoekschrift. Met een met redenen omklede aangetekende brief, gericht aan de indiener van het verzoek, kan de bevoegde ambtenaar de voormelde termijn eenmalig verlengen met dertig kalenderdagen.
Als de beslissing niet binnen de gestelde termijn is verzonden, wordt het verzoek geacht te zijn ingewilligd.

§ 3

Als de betrokkene het oneens is met de berekening van de administratieve geldboete die opgelegd is volgens artikel 13.4.1, § 2, artikel 13.4.2, § 2, en artikel 13.4.3, § 2, kan hij binnen tien kalenderdagen na de kennisgeving, vermeld in § 1, de ambtenaren die daartoe aangewezen zijn door de Vlaamse Regering per aangetekende brief op de hoogte brengen van de materiėle vergissingen en rekenfouten die bij de berekening gemaakt zouden zijn. Na het verstrijken van die termijn is de beslissing definitief.

§ 4

[...]

§ 5

De administratieve geldboete moet worden betaald binnen zestig kalenderdagen na de kennisgeving van de definitieve beslissing.
De ambtenaren, daartoe aangewezen door de Vlaamse Regering, kunnen uitstel van betaling verlenen voor een door hen bepaalde termijn.

§ 6

De vordering tot betaling van de administratieve geldboete verjaart na verloop van vijf jaar, te rekenen vanaf de dag waarop ze is ontstaan.
De verjaring wordt gestuit op de wijze en onder de voorwaarden, die bepaald zijn in artikel 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek.

§ 7

Bij gebrek aan voldoening van de administratieve geldboete en toebehoren wordt een dwangbevel uitgevaardigd door de ambtenaar die belast is met de invordering.
Dat dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door de ambtenaar die daartoe is aangewezen door de Vlaamse Regering.

§ 8

Het dwangbevel wordt betekend bij gerechtsdeurwaardersexploot of met een aangetekende brief.

§ 9

Op het dwangbevel zijn de bepalingen van deel V van het Gerechtelijk Wetboek houdende bewarend beslag en middelen tot tenuitvoerlegging van toepassing.