Art. 8.

§ 1

Elke geregistreerde aardoliemaatschappij dient het bewijs te leveren dat de gebruikte biobrandstoffen die in aanmerking worden genomen voor het behalen van het percentage zoals vastgesteld in artikel 4 duurzaam zijn in de zin van artikel 2, 8°.

§ 2

Voor biobrandstoffen afkomstig van erkende productie-eenheden, wordt dit bewijs geacht geleverd te zijn.

§ 3

Indien een geregistreerde aardoliemaatschappij benzineproducten of dieselproducten tot verbruik wenst uit te slagen waarvan ze van oordeel is dat ze reeds biobrandstoffen bevatten dan dient ze zelf het percentage aan biobrandstof op te geven en dient ze het bewijs te leveren dat de gebruikte biobrandstoffen duurzaam zijn in de zin van artikel 2, 8°.

§ 4

In voorkomend geval gaat de Algemene Directie Energie over tot een fysische controle van de producten die tot verbruik worden uitgeslagen.
De modaliteiten van deze controle worden door de Koning vastgesteld.