Art. 6.

1

De Vlaamse regering :

- bepaalt de wijze waarop en de termijnen waarbinnen de aanvragen om vergunning ter uitvoering van de krachtens artikel 3, 1 en 3, van dit decreet genomen besluiten, worden ingediend en onderzocht;
- wijst de openbare bestuursorganen aan, die beslissen over deze aanvragen, waarbij in ieder afzonderlijk geval een weigering moet gemotiveerd worden of bijzondere voorwaarden kunnen opgelegd worden.
Deze beslissing wordt slechts definitief wanneer is vastgesteld dat de opgelegde voorwaarden zijn nagekomen. De Vlaamse regering bepaalt de bijzonderheden en de termijnen van die vaststelling;
- de wijze waarop en de termijnen waarbinnen beroep kan aangetekend worden tegen de beslissing van het bevoegde openbare bestuursorgaan.

2

Deze vergunning doet geen afbreuk aan de rechten van derden. Zij kan steeds door het bevoegde openbare bestuursorgaan of de Vlaamse regering bij een met reden omklede beslissing ingetrokken worden, wanneer de opgelegde voorwaarden niet worden nageleefd. Er kunnen ook steeds nieuwe voorwaarden opgelegd worden.

3

Het bevoegde openbare bestuursorgaan beslist over de beroepen tegen een weigering binnen zestig dagen na afgifte bij de post van de aangetekende zending die het beroep bevat.