Art. 4.

§ 1

Dit hoofdstuk is van toepassing op de vervoersector en de energiesector wat de beveiliging en de bescherming van de nationale en de Europese kritieke infrastructuren betreft.
Het is echter niet van toepassing op de nucleaire installaties bedoeld bij de wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende stralingen voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle, met uitzondering van de elementen van een nucleaire installatie bestemd voor de industriėle productie van elektriciteit die dienen voor de transmissie van de elektriciteit.
[Artikel 8 en de artikelen 12 tot 26 zijn enkel van toepassing op de kritieke infrastructuren die gelegen zijn op het Belgisch grondgebied]

§ 2

De sector Energie bestaat uit de volgende deelsectoren:
elektriciteit, samengesteld uit infrastructuren en voorzieningen voor elektriciteitsproductie en -transmissie, met het oog op elektriciteitsvoorziening;
olie, samengesteld uit aardolieproductie, -raffinage, -behandeling, -opslag en -transmissie via pijpleidingen;
gas, samengesteld uit gasproductie, -raffinage, -behandeling, -opslag en -transmissie via pijpleidingen en terminals voor vloeibaar aardgas.
De sector Vervoer bestaat uit de volgende deelsectoren:
wegvervoer;
spoorvervoer;
luchtvervoer;
vervoer over de binnenwateren;
lange omvaart en short sea shipping en havens.

§ 3

In afwijking van § 1, eerste lid, is dit hoofdstuk niet van toepassing op de deelsector van het luchtvervoer.
Onverminderd artikel 2, tweede lid, neemt de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de nodige maatregelen, met inbegrip van de opheffing, de aanvulling, de wijziging of de vervanging van wetsbepalingen, om de omzetting te verzekeren van de Richtlijn 2008/114/EG van de Raad van 8 december 2008 inzake de identificatie van Europese kritieke infrastructuren, de aanmerking van infrastructuren als Europese kritieke infrastructuren en de beoordeling van de noodzaak de bescherming van dergelijke infrastructuren te verbeteren wat het luchtvervoer betreft.

§ 4 [

Dit hoofdstuk is van toepassing op de sector financiėn, met inbegrip van de exploitanten van een handelsplatform bedoeld in artikel 3, 3°, d), de sector elektronische communicatie, de sector digitale infrastructuren, de sector gezondheidszorg en de sector drinkwater, wat de beveiliging en de bescherming van de nationale kritieke infrastructuren betreft.
]