Hoofdstuk 5.
Slotbepalingen


Art. 31.
De Koning neemt, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de nodige maatregelen, met inbegrip van de opheffing, de aanvulling, de wijziging of de vervanging van wetsbepalingen, om de omzetting van de Europese richtlijnen betreffende de kritieke infrastructuren te verzekeren.
Hij kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de bepalingen van hoofdstuk 2 en de uitvoeringsbesluiten ervan volledig of gedeeltelijk van toepassing maken op andere sectoren dan diegene bedoeld door het artikel 4, § 2, wat betreft de nationale kritieke infrastructuren.

Art. 32.
Deze wet treedt in werking de dag waarop ze in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.