Art. 4.6.9.

§ 1 [

Achterliggende netgebruikers hebben recht op toegang tot een gesloten distributienet voor de afname en injectie van elektriciteit of aardgas.
De technische reglementen bepalen wie door de toegangsgerechtigden, bedoeld in het voorgaande lid, als toegangshouder op een toegangspunt aangeduid kan worden.
]

§ 2 [

Iedere beheerder van het gesloten distributienet maakt de geldende tarieven en voorwaarden waartegen de toegangshouder toegang tot het gesloten distributienet kan verkrijgen bekend aan de achterliggende netgebruikers op dat gesloten distributienet.
]

§ 3

Een beheerder van een gesloten distributienet kan de toegang tot zijn net alleen weigeren, beëindigen of opschorten in één of meer van onderstaande gevallen:
zijn net beschikt niet over voldoende capaciteit om het vervoer te verzekeren;
de veilige en betrouwbare werking van zijn net komt in het gedrang;
de aanvrager van de toegang tot het net voldoet niet of de toegangshouder voldoet niet meer aan de voorwaarden voor toegang tot zijn net, omschreven in het van toepassing zijnde technische reglement, het reglement of contract van de beheerder van het gesloten distributienet.
Bij een weigering, beëindiging of opschorting van de toegang tot zijn net stuurt de beheerder van het gesloten distributienet aan de aanvrager van de toegang tot zijn net of aan de toegangshouder een schriftelijke en gemotiveerde verklaring.
De beheerder van het gesloten distributienet kan de toegang tot zijn net alleen opschorten of beëindigen na voorafgaande toestemming door de VREG, tenzij in één van de volgende vier gevallen:
bij overmacht of een noodsituatie, zoals omschreven in het van toepassing zijnde technisch reglement;
in geval de toegangshouder geen evenwichtsverantwoordelijke of bevrachter meer heeft;
de beheerder van het gesloten distributienet oordeelt dat er een ernstig risico bestaat voor de veiligheid van personen of materieel;
voor een individueel toegangspunt, het aansluitingsvermogen op aanzienlijke wijze overschreden wordt.

§ 4

Tegen een weigering, opschorting of beëindiging van toegang tot het gesloten distributienet kan overeenkomstig artikel 3.1.4/3, zonder voorafgaande bemiddeling, een geschillenbeslechtingsprocedure gevoerd worden bij de VREG.
Als de VREG oordeelt dat de weigering, opschorting of beëindiging van de toegang onterecht was, geeft de beheerder van het gesloten distributienet de betrokken persoon alsnog of opnieuw toegang tot zijn net.
Als de VREG oordeelt dat de weigering, opschorting of beëindiging van de toegang terecht was, heeft de betrokken persoon de mogelijkheid zich te wenden tot de beheerder van het net waaraan het gesloten distributienet gekoppeld is.]