Art. 39.

§ 1

Een geologische formatie kan enkel als opslaglocatie worden aangeduid als er onder de voorgestelde opslagvergunningsvoorwaarden geen significant risico op lekkage bestaat en er geen significante milieu- of gezondheidrisico's bestaan.
De geschiktheid van een geologische formatie voor gebruik als opslaglocatie wordt bepaald door een karakterisering en [beoordeling] van het potentiële opslagcomplex en het omliggende gebied overeenkomstig de in bijlage I bij dit decreet gespecificeerde criteria.

§ 2

Alvorens geologische opslag van koolstofdioxide toe te staan op het grondgebied van het Vlaamse Gewest, stelt de Vlaamse Regering een onderzoek in naar de opslagcapaciteit op het grondgebied of delen daarvan, op basis van de verleende opsporingsvergunningen voor koolstofdioxideopslag.