Art. 6.

§ 1.

De natuurlijke personen en rechtspersonen die afvalstoffen beheren, houden een chronologisch afvalstoffenregister bij waarin onder meer de aangevoerde en afgevoerde hoeveelheid, aard, oorsprong, de hoeveelheid materialen die verkregen zijn door voorbereiding voor hergebruik, recycling of andere handelingen van nuttige toepassing en, als dat van toepassing is, bestemming, frequentie van de inzameling, wijze van vervoer en van behandeling van de ingezamelde, opgehaalde, vervoerde, verwijderde of nuttig toegepaste afvalstoffen zijn vermeld. De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast met betrekking tot de inhoud en de voorwaarden van dat afvalstoffenregister. De Vlaamse Regering kan groepen van natuurlijke personen en rechtspersonen van die plicht ontslaan. Met behoud van de bepalingen van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, kan de Vlaamse Regering toestaan dat bij de individuele beoordeling van vergunningsplichtige of meldingsplichtige activiteiten, vermeld in artikel 11, wordt afgeweken van de inhoud en de voorwaarden van het afvalstoffenregister.

 

De natuurlijke personen en rechtspersonen die afvalstoffen beheren, melden bepaalde gegevens met betrekking tot de ingezamelde, opgehaalde, verwijderde of nuttig toegepaste afvalstoffen aan de OVAM. De Vlaamse Regering kan vaststellen dat de OVAM natuurlijke personen en rechtspersonen selecteert om gegevens te melden. De Vlaamse Regering bepaalt welke gegevens worden gemeld en op welke wijze dat gebeurt.

 

§ 2.

De Vlaamse Regering kan bepalen dat afvalstoffen bij hun vervoer vergezeld moeten gaan van een identificatieformulier, al dan niet in elektronische vorm.

 

De Vlaamse Regering kan nadere regels opleggen over de modaliteiten voor de opmaak van identificatieformulieren en voor de uitwisseling ervan met de OVAM en de toezichthouders.

 

§ 3.

De Vlaamse Regering kan bepalen dat voor specifieke materialen materialenregisters worden bijgehouden met het oog op het verkrijgen van informatie over het efficiėnt en rechtmatig gebruik van materialen overeenkomstig de doelstelling, vermeld in artikel 4. Die registers kunnen slaan op hoeveelheden van in- en uitgaande materiaalstromen en hun herkomst en bestemming. De Vlaamse Regering kan daarvoor nadere regels vaststellen.

 

De Vlaamse Regering kan vaststellen dat de OVAM natuurlijke personen en rechtspersonen selecteert om gegevens uit het materialenregister te melden. De Vlaamse Regering bepaalt welke gegevens worden gemeld en op welke wijze dat gebeurt. 

 

§ 4.

De Vlaamse Regering kan bepalen dat transport van grondstoffen vergezeld moet gaan van een transportdocument. De Vlaamse Regering kan nadere regels vastleggen over de modaliteiten over de inhoud van de transportdocumenten en het delen van de documenten met de OVAM en de toezichthouders.

 

§ 5.

De gegevens die in het kader van paragraaf 1 tot en met 4 van dit artikel gemeld worden aan de OVAM of uitgewisseld worden met de OVAM, vormen de basis van het materialeninformatiesysteem.


De Vlaamse Regering kan nadere regels opleggen over de modaliteiten voor de opmaak, het beheer en het gebruik van het materialeninformatiesysteem.


In dit artikel wordt verstaan onder het materialeninformatiesysteem: een systeem dat bestaat uit een ICT-toepassing, een databank en een dataplatform met gegevens over afvalstoffen en materialen ten behoeve van het traceren door de OVAM en de toezichthouders van afvalstoffen en materialen, het opvolgen van de sluiting van materiaalkringlopen, het voldoen aan Vlaamse, Europese en internationale rapporteerverplichtingen, en het bepalen van het aandeel afval dat gerecycleerd, gestort, verbrand of op een andere manier verwerkt wordt.


Omdat het materialeninformatiesysteem commercieel vertrouwelijke gegevens bevat, neemt de OVAM passende technische en organisatorische maatregelen die nodig zijn voor de bescherming van deze commercieel vertrouwelijke gegevens. Deze maatregelen zullen een passend beveiligingsniveau verzekeren rekening houdend, enerzijds, met de stand van de techniek ter zake en de kosten voor het toepassen van de maatregelen en, anderzijds, met de aard van de te beveiligen gegevens en de potentiėle risico’s.