Art. 15.

De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast voor het toekennen van subsidies aan :

natuurlijke personen of rechtspersonen die maatregelen en initiatieven nemen overeenkomstig de doelstellingen, vermeld in artikel 4, onder meer ter bevordering van :
a) de preventie van afvalstoffen, het hergebruik en het efficiėnter en minder milieubelastend gebruik van materialen via aangepaste productie- en consumptiepatronen;
b) de samenwerking tussen verschillende actoren binnen een of meer materiaalkringlopen met het oog op het verlagen van de milieueffecten van die materiaalkringlopen;
c) de gescheiden inzameling van afvalstoffen, de recyclage en het aanwenden van materialen in gesloten materiaalkringlopen;
d) de afzetmarkt voor uit afvalstoffen teruggewonnen producten en grondstoffen;
e) een optimalisatie van het beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen;
f) het onderzoek en de ontwikkeling voor de verwezenlijking van schonere en minder verspillende technologieėn, producten en diensten, alsook de verspreiding en toepassing van de resultaten van onderzoek en ontwikkeling op dat gebied;
lokale besturen ten behoeve van opdrachten ter uitvoering van de uitvoeringsplannen die van toepassing zijn, als vermeld in artikel 18;
de natuurlijke personen of rechtspersonen, vermeld in artikel 9, § 2, die een kringloopcentrum uitbaten, voor de werking, investeringen of personeel;
de gemeenten en verenigingen van gemeenten, vermeld in artikel 27, eerste lid, voor de kosten van selectieve ophaling of inzameling.
natuurlijke personen, rechtspersonen en overheden voor de inventarisatie, de ontmanteling, de inzameling, het transport of de verwerking van asbesthoudende materialen, vermeld in hoofdstuk 3, afdeling 6;
lokale besturen voor de organisatie van het toezicht op en de handhaving van het asbestafbouwbeleid.

 

De subsidies worden steeds toegekend binnen de perken van de in de begroting opgenomen kredieten.