Art. 28.

Als een gemeente of een provincie of hun samenwerkingsverbanden de verplichtingen opgelegd door of krachtens artikel 26, eerste lid, of door de programma’s en plannen, vermeld in artikel 17 en 18, niet nakomen binnen de door de Vlaamse Regering bepaalde termijn en daardoor het algemeen belang schaden, kan de Vlaamse Regering, na ingebrekestelling bij een met redenen omkleed besluit, in de plaats treden van de gemeente of de provincie of hun samenwerkingsverbanden in kwestie voor de uitvoering van alle maatregelen die nodig zijn om de voormelde verplichtingen na te komen. Het Vlaamse Gewest kan de kosten van de vermelde maatregelen verhalen op de gemeente of de provincie of hun samenwerkingsverbanden.

 

Zowel bij de coördinatie als bij de organisatie hebben de gemeenten, de provincies en hun samenwerkingsverbanden de mogelijkheid om beroep aan te tekenen bij de Vlaamse minister bevoegd voor het leefmilieu. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor die beroepsprocedure.