Afdeling 5.
Bijzondere afvalstoffen


Art. 32.

De Vlaamse Regering stelt overeenkomstig artikel 4 nadere regels vast voor het beheer van de bijzondere afvalstoffen, vermeld in artikel 22, tweede lid, 2°.

 

De regels, vermeld in het eerste lid, vullen de regels aan vermeld in afdeling 1, 2, 3, 4 of 5 en in hoofdstuk 2. Ze kunnen voor welbepaalde bijzondere afvalstoffen en activiteiten die gericht zijn op het beheer van de afvalstoffen, voorschriften omvatten die afwijken van de bepalingen van artikel 6, 11, 13 en 26, als dat vereist is voor de doelmatige verwijdering of de nuttige toepassing van de afvalstoffen.


Art. 32/1.

Het depollueren, demonteren, vernietigen met inbegrip van indrukken van afgedankte voertuigen of het uitvoeren van een andere behandeling op afgedankte voertuigen kan door de Vlaamse Regering afhankelijk worden gemaakt van een vooraf te verkrijgen erkenning als centrum voor het depollueren, ontmantelen en vernietigen van afgedankte voertuigen.


De Vlaamse Regering stelt de nadere regels voor de erkenning vast. Ze bepaalt de voorwaarden en de procedure tot erkenning, de mogelijkheid en de procedure tot opheffing ervan en de voorwaarden voor het gebruik van de erkenning.


De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen waaraan de centra voor het depollueren, ontmantelen en vernietigen van afgedankte voertuigen moeten voldoen vanaf dat ze erkend zijn.


Art. 33.

§ 1.

De Vlaamse Regering kan ter aanvulling of uitvoering van verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van verordening (EG) nr. 1774/2002, nadere regels vaststellen voor het beheer van dierlijke bijproducten en afgeleide producten als vermeld in de verordening, als ze voldoen aan de definitie van afvalstof.

 

§ 2.

De Vlaamse Regering kan de producenten van de afvalstoffen, vermeld in paragraaf 1, ontslaan van de meldingsplicht, vermeld in artikel 23, tweede en derde lid, en stelt daarvoor nadere regels vast.

 

§ 3.

Behoudens in de gevallen die uitdrukkelijk bepaald zijn door de Vlaamse Regering, is de afgifte van deze afvalstoffen alleen toegestaan aan een hiervoor erkend of geregistreerd natuurlijke persoon of rechtspersoon of door deze erkende of geregistreerde natuurlijke persoon of rechtspersoon aan een hiervoor erkende en vergunde inrichting.

 

De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast voor de procedure van afgifte, de erkenning en de registratie.

 

In de door de Vlaamse Regering bepaalde gevallen kunnen de toezichthouders besluiten dat de afvalstoffen kunnen of moeten worden verwijderd door verbranding of begraving.

 

§ 4.

De Vlaamse Regering wijst de categorieėn van producenten van de afvalstoffen aan die ertoe gehouden zijn een overeenkomst te sluiten over de financiering van de ophaling ervan door een inrichting als vermeld in paragraaf 3.

 

De Vlaamse Regering kan de maximumtarieven bepalen die in geval van een vergoeding per prestatie mogen worden toegepast.

 

De inzameling en verwerking van deze afvalstoffen, als het hele kadavers van landbouwhuisdieren betreft, anders dan bij de categorieėn van producenten, vermeld in het eerste lid, geschiedt kosteloos. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden waaronder de erkende inrichtingen worden vergoed voor die prestaties ten laste van het Vlaamse Gewest.

 

De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden waaronder handelingen in het kader van het beheer van de afvalstoffen worden vergoed ten laste van het Vlaamse Gewest.