Onderafdeling 2.3.4.
Criteria voor grondstoffen, bestemd voor gebruik in kunstmatige afdichtingslagen met waterglas op stortplaatsen van categorieėn 1 en 2


Art. 2.3.4.1.

§ 1.

Rekening houdend met de geldende voorwaarden voor afdichtingslagen, vermeld in bijlage 2.3.4.A, moeten minimaal de volgende criteria zijn vervuld om de materialen, vermeld in bijlage 2.2, afdeling 4, te beschouwen als grondstoffen die geschikt zijn voor gebruik in kunstmatige afdichtingslagen met waterglas op stortplaatsen van categorie 1 en 2 :

de concentraties aan organische verbindingen overschrijden de waarden, vermeld in bijlage 2.3.4.B, niet; 
de beschikbaarheden voor uitloging van anorganische bestanddelen overschrijden de waarden, vermeld in bijlage 2.3.4.B, niet; 
de uitloogbaarheidswaarden van anorganische bestanddelen overschrijden de waarden, vermeld in bijlage 2.3.4.B, niet; 
het massa- en volumepercentage niet-steenachtige materialen, zoals gips, rubber, kunststof, isolatie, roofing of andere verontreinigingen, bedraagt maximaal 1 %. 

 

In afwijking van het eerste lid, 1°, 2° en 3°, geldt voor zuiveringsslib, bitumineuze granulaten, brekerzand van asfalt, brekerzeefzand en sorteerzand, afkomstig van het zeven en breken van asfalt, dat die niet hoeven te voldoen aan de parameter minerale olie en DOC.

 

§ 2.

In afwijking van paragraaf 1 kan het materiaal dat niet voldoet aan de voorwaarden voor gebruik in kunstmatige afdichtingslagen met waterglas, na aanvullend onderzoek dat voldoende garanties biedt inzake milieubescherming, eventueel als grondstof worden toegelaten, op voorwaarde dat een grondstofverklaring toegekend wordt.