Afdeling 3.2.
Aanvaardingsplicht


Onderafdeling 3.2.1.
Algemene bepalingen


Art. 3.2.1.1.

§ 1.

De aanvaardingsplicht voor de eindverkoper houdt in dat hij, als een consument een product aanschaft, verplicht is het overeenstemmende product waarvan de consument zich ontdoet, gratis in ontvangst te nemen. De tussenhandelaars zijn verplicht de door de eindverkopers in ontvangst genomen afvalstoffen gratis te aanvaarden, in verhouding tot de door hen aan de eindverkopers gedane leveringen van producten. De producenten zijn verplicht de door de eindverkopers of door de tussenhandelaars in ontvangst genomen afvalstoffen gratis te aanvaarden en te zorgen voor de nuttige toepassing of de verwijdering ervan, in verhouding tot de door hen aan de eindverkopers of tussenhandelaars gedane leveringen van producten.

 

§ 2.

De eindverkoper, tussenhandelaar en producent moeten de afvalstoffen waarvoor een aanvaardingsplicht geldt, gratis in ontvangst nemen, zelfs als de consument geen vervangende producten aanschaft.

In de aanvaardingsplichtconvenant of in het individuele aanvaardingsplichtplan kan echter van die plicht worden afgeweken :

voor huishoudelijke afvalstoffen : als de producenten de gratis inontvangstneming organiseren op de recyclageparken of op andere inzamelpunten met vergelijkbare geografische spreiding en dekking; 
voor bedrijfsafvalstoffen : als de producenten de gratis inontvangstneming organiseren op een wijze die rekening houdt met de specificiteit van de producten en voldoende garanties biedt voor een milieuverantwoorde behandeling. 

 

§ 3.

Tenzij anders is vermeld in de afdelingen 3.3 en 3.4, worden de huishoudelijke afvalstoffen ingezameld in samenwerking met de gemeenten.


De producenten dragen in het geval, vermeld in het eerste lid, de nettokosten ten laste voor de inzameling en scheiding van de afvalstoffen die onderworpen zijn aan de aanvaardingsplicht en die werden ingezameld via de gemeentelijke inzamelkanalen. De vergoeding van de nettokosten wordt onderling afgesproken. Als geen akkoord wordt bereikt, kan de minister, na advies van de OVAM, bindende voorschriften vaststellen voor de aanrekening van die kosten. Die voorschriften bevatten onder meer een lijst van te vergoeden kosten. Ze worden opgesteld in overleg met de betrokken partners.


Om recht te hebben op de vergoeding, vermeld in het tweede lid, moet de inzameling gratis zijn voor de consument.

 

§ 4.

De aanvaarding van afvalstoffen, vermeld in paragrafen 1, 2 en 3, is gratis op voorwaarde dat ze geen afvalstoffen bevatten die vreemd zijn aan het afgedankte product, tenzij die er door normaal gebruik in aanwezig kunnen zijn.

 

Zolang niet aan de voorwaarde, vermeld in het eerste lid, wordt voldaan, kan de aanvaarding geweigerd worden.

 

§ 4/1.

De producent waarvoor de aanvaardingsplicht geldt, kan bijkomende inzamelkanalen opzetten voor de afvalstoffen waarop de aanvaardingsplicht van toepassing is. De producenten kunnen daarbij een beroep doen op derden om bepaalde taken uit te voeren.


De inzamelkanalen, vermeld in het eerste lid, moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

de afvalstoffen worden opgeslagen zonder schade of verontreiniging van mens, milieu of directe omgeving;
bij de opslag wordt gezorgd voor een georganiseerde regelmatige afvoer van de afvalstoffen;
de afvalstoffen worden ingezameld conform de wettelijke bepalingen;
het inzamelsysteem draagt bij tot een duurzaam materialenbeheer;
een zekere continuïteit van de inzameling wordt gegarandeerd.

 

De inzamelkanalen, vermeld in het eerste lid, worden goedgekeurd door de OVAM. Een schriftelijke beschrijving van het inzamelsysteem, de inzamelpunten, de deelnemende actoren en hun verantwoordelijkheden wordt aan de OVAM voorgelegd. De OVAM heeft 30 dagen de tijd om dergelijke inzamelkanalen al dan niet goed te keuren. Als de OVAM om aanvullende informatie verzoekt, kan de termijn maximaal met één maand worden verlengd. Die termijn gaat in vanaf de datum van de ontvangst van alle opgevraagde informatie.


De producent informeert de gemeenten en intercommunales:

over elke goedkeuring van een inzamelkanaal dat actief is op hun grondgebied;
jaarlijks over de hoeveelheid afvalstoffen die de inzamelkanalen hebben ingezameld en de wijze van verwerking.

 

 

§ 5.

Iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon is verantwoordelijk voor de financiering van de verplichtingen die de aanvaardingsplicht voor hem meebrengt. De financiering kan worden georganiseerd via een collectieve of individuele regeling.

 

§ 6.

Het gedeelte van de kostprijs van een product dat wordt doorgerekend om de kosten te dekken die verbonden zijn aan de uitvoering van de aanvaardingsplicht, moet zichtbaar worden vermeld op de factuur, tenzij het anders is bepaald in dit besluit, in de aanvaardingsplichtconvenant of in het individuele aanvaardingsplichtplan.

 

§ 7.

De eindverkoper van producten waarvoor de aanvaardingsplicht geldt, moet op een duidelijk zichtbare plaats in elk van zijn verkooppunten een bericht aanbrengen waarop onder de titel ″AANVAARDINGSPLICHT″ is aangegeven op welke wijze hij voldoet aan de bepalingen van dit besluit en op welke wijze de koper zich kan ontdoen van zijn afgedankte product. Ook bij verkoop buiten een verkoopsruimte moet de consument daarover geïnformeerd worden.

 

§ 8.

Ongeacht de datum van ondertekening van een aanvaardingsplichtconvenant of de datum van de goedkeuring van het individuele aanvaardingsplichtplan gelden alle verplichtingen en kosten voor degenen die aan de aanvaardingsplicht onderworpen zijn, vanaf de datum van de inwerkingtreding van de plicht.


Art. 3.2.1.2.

§ 1.

De wijze waarop aan de aanvaardingsplicht wordt voldaan, wordt vastgelegd in een van de volgende documenten:

een individueel aanvaardingsplichtplan als vermeld in paragraaf 2 en onderafdeling 3.2.3;
een aanvaardingsplichtconvenant als vermeld in paragraaf 2 en artikel 3.2.2.1/1

 

§1/1.

De producent waarvoor de aanvaardingsplicht geldt, kan aan de aanvaardingsplicht voldoen door:

te beschikken over een door de OVAM goedgekeurd individueel aanvaardingsplichtplan;
rechtstreeks of onrechtstreeks, via hun organisatie, door een toetredingsovereenkomst, aangesloten te zijn bij een beheersorganisme als vermeld in artikel 3.2.2.1, op voorwaarde dat het beheersorganisme voldoet aan de verplichtingen die het worden opgelegd in deze afdeling en in de aanvaardingsplichtconvenant.

 

§ 2.

 

De aanvaardingsplichtconvenant of het individuele aanvaardingsplichtplan bevat in elk geval :

maatregelen voor de kwalitatieve en kwantitatieve preventie en het hergebruik, voor ecodesign en voor het hoogwaardig sluiten van de kringloop bovenop de vastgelegde inzamel- en verwerkingsdoelstellingen
maatregelen voor de selectieve inzameling van de afvalstoffen; 
maatregelen voor de optimale verwerking van de afvalstoffen; 
maatregelen voor een goede registratie van de afvalstoffenstromen en onderbouwing van het behalen van de doelstellingen; 
maatregelen voor de vergoeding van de gemeentelijke inzamelkanalen; 
maatregelen voor de sensibilisering van de diverse doelgroepen; 
maatregelen voor eigen controlesystemen op de maatregelen, vermeld in 1° tot en met 6°; 
bepalingen over de rapportering aan de OVAM met betrekking tot alle maatregelen, vermeld in 1° tot en met 7°; 
maatregelen voor de financiering van de inzameling en de verwerking. 

 

De maatregelen, opgesomd onder 1°, 2° en 3°, moeten leiden tot een betere sluiting van de betreffende materiaalkringlopen door toename van preventie, hergebruik of recyclage van de corresponderende afvalstoffen.

 

Voor huishoudelijke afvalstoffen bevat de aanvaardingsplichtconvenant of het individuele aanvaardingsplichtplan bovendien een financiële zekerheid die overeenstemt met de geschatte kosten voor het overnemen door het Vlaamse Gewest van de aanvaardingsplicht gedurende zes maanden. In een aanvaardingsplichtconvenant kunnen andere zekerheden overeengekomen worden om de voortgang van de verbintenissen uit de overeenkomst te garanderen.


Art. 3.2.1.3.

§ 1.

De producent waarvoor de aanvaardingsplicht geldt, moet jaarlijks rapporteren aan de OVAM over de wijze waarop hij uitvoering geeft aan de aanvaardingsplicht. De producent kan een organisatie aanduiden om de rapportage uit te voeren.

 

Voor de rapportering geldt dat :

de cijfergegevens die in het kader van de aanvaardingsplicht aan de OVAM worden verstrekt, worden gevalideerd door een onafhankelijke keuringsinstelling; 
de cijfergegevens van inzamelaars, afvalstoffenhandelaars of -makelaars, hergebruikcentra en verwerkers die in het kader van de aanvaardingsplicht aan het beheersorganisme of de producent worden geleverd, worden gevalideerd door een onafhankelijke keuringsinstelling;  
de cijfergegevens die in het kader van de aanvaardingsplicht door de producenten aan het beheersorganisme worden verstrekt, worden gevalideerd door een onafhankelijke keuringsinstelling. Het beheersorganisme of een door dat organisme aangestelde derde kan die taak overnemen, op voorwaarde dat alle leden minstens eenmaal om de drie jaar gecontroleerd worden en het beheersorganisme over die actie en de resultaten jaarlijks aan de OVAM rapporteert; 
van de verplichtingen, vermeld in punt 1°, 2° en 3°, kan worden afgeweken in een aanvaardingsplichtconvenant of in een individueel aanvaardingsplichtplan als de kwaliteit van de cijfergegevens op een andere manier gegarandeerd kan worden. 

 

§ 2.

De producenten, eindverkopers, tussenhandelaars en beheersorganismen verstrekken aan de OVAM alle informatie die de OVAM nuttig acht voor de evaluatie van de doelstellingen en voor de controle van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, vermeld in hoofdstuk 3 en 5 en in artikel 21 van het Materialendecreet. Als de partijen dat nodig achten, wordt een systeem uitgewerkt dat confidentialiteit garandeert.


Art. 3.2.1.4.

§ 1.

De eindverkoper, de tussenhandelaar en de producent, die in het kader van de aanvaardingsplicht afvalstoffen aanvaarden, houden een register bij dat de volgende gegevens met betrekking tot de aanvaarde afvalstoffen bevat :

de hoeveelheid afgevoerde afvalstoffen;  
de datum van de afvoer;
de aard van de afvalstoffen;
indien van toepassing, de naam en het adres van de inzamelaar, afvalstoffenhandelaar of -makelaar van de afgevoerde afvalstoffen; 
de naam en het adres van de ontvanger van de afvalstoffen.

 

Dat register wordt ten minste elke maand aangevuld met de meest recente gegevens

 

§ 2.

Als afvalstoffenregister kan een verzameling van identificatieformulieren overeenkomstig artikel 6.1.1.2 gebruikt worden, aangevuld met de gegevens, vermeld in paragraaf 1, waarvoor overeenkomstig artikel 6.1.1.2, § 1, geen identificatieformulier vereist is.

 

§ 3.

Van de plicht tot het bijhouden van een register door de eindverkoper, de tussenhandelaar en de producent kan worden afgeweken in de aanvaardingsplichtconvenant of in het individuele aanvaardingsplichtplan als de inzamelaar, afvalstoffenhandelaar of -makelaar van de afgevoerde afvalstoffen aan de OVAM online-inzagerecht geeft in zijn register als vermeld in onderafdeling 7.2.1, op voorwaarde dat de bepalingen van het online-inzagerecht zijn goedgekeurd door de OVAM.


Art. 3.2.1.5.

Elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die gevestigd is buiten het grondgebied en die, via verkoop op afstand, rechtstreeks verkoopt aan particuliere huishoudens op het grondgebied, wijst een op het grondgebied gevestigde natuurlijke persoon of rechtspersoon aan als gevolmachtigde die verantwoordelijk is voor het nakomen van de verplichtingen van de producent die uit dit besluit voortvloeien.


Elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die gevestigd is buiten het grondgebied en die, ongeacht de verkooptechniek, verkoopt aan andere personen dan particuliere huishoudens of andere gebruikers dan particuliere op het grondgebied, kan een op het grondgebied gevestigde natuurlijke persoon of rechtspersoon aanduiden als gevolmachtigde die verantwoordelijk is voor het nakomen van de verplichtingen van de producent die uit dit besluit voortvloeien.


De op het grondgebied gevestigde gevolmachtigde is onderworpen aan dezelfde verplichtingen als de producent.


Een gevolmachtigde wordt aangewezen via een schriftelijke volmacht vooraleer er producten op de markt worden gebracht. Bij de aanduiding van een gevolmachtigde en bij beëindiging van die volmacht wordt de OVAM onmiddellijk door beide partijen schriftelijk op de hoogte gebracht en wordt er een nieuwe gevolmachtigde aangewezen.


Onderafdeling 3.2.2.
Collectieve invulling van de aanvaardingsplicht


Art. 3.2.2.1.

§1.

Een aanvaardingsplichtconvenant kan gesloten worden onder de voorwaarde dat door de organisaties van ondernemingen die producenten vertegenwoordigen waarvoor de aanvaardingsplicht geldt, een of meer beheersorganismen worden aangewezen die de aanvaardingsplicht van de bij hen aangesloten producenten waarvoor de aanvaardingsplicht geldt op zich nemen.

 

§2.

Een beheersorganisme voldoet aan al de volgende voorwaarden:

het beheersorganisme is opgericht conform de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de stichtingen en de Europese politieke partijen en stichtingen;
het beheersorganisme heeft als statutair doel het ten laste nemen van de aanvaardingsplicht voor rekening van de aangesloten producenten;
de beheerders of de personen die de vereniging kunnen verbinden, bezitten hun burgerlijke en politieke rechten;
de beheerders of de personen die de vereniging kunnen verbinden, zijn tijdens de laatste vijf jaar niet veroordeeld voor een inbreuk op de milieuwetgeving van de Gewesten of van een lidstaat van de Europese Unie;
het beheersorganisme beschikt over de nodige financiële, menselijke en technische middelen om de aanvaardingsplicht te vervullen;
het beheersorganisme bedient op homogene wijze het gehele grondgebied waar de producenten hun producten op de markt brengen zodat de inzameling, recyclage en nuttige toepassing van het afval, met het oog op het vervullen van de aanvaardingsplicht, gewaarborgd is.

 

§3.

Het beheersorganisme legt uiterlijk zes maanden na de ondertekening van de aanvaardingsplichtconvenant een beheerplan voor de looptijd van de aanvaardingsplichtconvenant ter goedkeuring voor aan de OVAM, waarin het aangeeft hoe het de bepalingen van de aanvaardingsplichtconvenant zal uitvoeren.

 

Het beheerplan bevat minimaal de uitvoeringsvoorwaarden van de bepalingen in de aanvaardingsplichtconvenant conform artikel 3.2.1.2, §2.

 

Het beheersorganisme legt jaarlijks voor 15 november een actualisatie van het beheerplan voor het volgende kalenderjaar ter goedkeuring voor aan de OVAM.

 

§4.

Het beheersorganisme legt uiterlijk zes maanden na de ondertekening van de aanvaardingsplichtconvenant een financieel plan voor de looptijd van de aanvaardingsplichtconvenant voor advies voor aan de OVAM.

 

Het financieel plan omvat:

het budget;
de berekening van eventuele bijdragen;
het beleid rond provisies en reserves;
de wijze van financiering van eventuele verliezen;
de wijze van financiering van afgedankte producten waarvan de producent niet meer actief is of geïdentificeerd kan worden. De verantwoordelijkheid van het beheersorganisme is hierbij beperkt tot de producten die bij het op de markt brengen aangegeven werden bij het beheersorganisme. Als dit niet meer kan nagegaan worden, draagt het beheersorganisme een verantwoordelijkheid die overeenstemt met haar aandeel in de markt;
het beleggingsbeleid.

 

In het budget, vermeld in het tweede lid, 1°, wordt als apart onderdeel opgenomen in welke middelen het beheersorganisme voorziet voor preventie en voor het hoogwaardig sluiten van de kringloop bovenop de vastgelegde inzamel- en verwerkingsdoelstellingen. In de aanvaardingsplichtconvenant wordt bepaald welk aandeel van het budget daarvoor ter beschikking gesteld wordt.

 

Het beheersorganisme legt jaarlijks voor 15 november een actualisatie van het financieel plan voor het volgende kalenderjaar ter advies voor aan de OVAM.

 

§5.

Als het beheersorganisme de inzameling en verwerking organiseert in het kader van een collectief systeem, gebeurt de toewijzing op basis van een lastenboek waarover een openbare bevraging wordt georganiseerd, en wordt de gunningsbeslissing gebaseerd op de in het lastenboek vastgelegde criteria. De lastenboeken moeten voor goedkeuring aan de OVAM worden voorgelegd. Elke wijziging in de lastenboeken moet vooraf goedgekeurd worden. In de aanvaardingsplichtconvenant kan worden afgeweken van de plicht om de toewijzing op basis van een lastenboek te organiseren.

 

De bepaling in het eerste lid geldt niet in geval van inzameling en/of verwerking in opdracht van individuele producenten of andere actoren op contractuele basis.

 

§6.

De OVAM vervult namens het Vlaamse Gewest de rol van waarnemer in de raad van bestuur en de algemene vergadering van het beheersorganisme. De OVAM ontvangt de uitnodigingen daarvoor en verslagen daarvan op tijd.

 

§7.

Het beheersorganisme mag de toetreding van geen enkele onderneming weigeren waarop de aanvaardingsplicht van toepassing zou kunnen zijn. Het beheersorganisme kan van die verplichting afwijken als er ernstige redenen zijn en na de goedkeuring van de OVAM.

 

§8.

Op verzoek van de OVAM organiseert het beheersorganisme overleg met de representatieve organisaties van alle actoren die bij de uitvoering van de aanvaardingsplicht betrokken zijn.


Art. 3.2.2.1/1.

§1.

Een aanvaardingsplichtconvenant wordt gesloten tussen de OVAM en een of meer organisaties van ondernemingen die producenten vertegenwoordigen waarop de aanvaardingsplicht van toepassing is. Op verzoek van de partijen kunnen andere actoren toetreden tot de aanvaardingsplichtconvenant.

 

De organisaties van ondernemingen, vermeld in het eerste lid, moeten rechtspersoonlijkheid bezitten en door hun leden of een groep ervan gemandateerd zijn om een aanvaardingsplichtconvenant te sluiten en de betrokken leden daardoor te verbinden.

 

§2.

Een aanvaardingsplichtconvenant kan niet in minder strenge zin afwijken van de bepalingen van dit hoofdstuk.

 

§3.

Een aanvaardingsplichtconvenant is verbindend voor de partijen. Naargelang van wat bepaald is in de aanvaardingsplichtconvenant, is ze ook verbindend voor al de leden van de organisaties van ondernemingen die conform paragraaf 1, tweede lid, een mandaat hebben gegeven, tenzij een producent via een individueel aanvaardingsplichtplan of een andere aanvaardingsplichtconvenant aan zijn aanvaardingsplicht voldoet.

 

§4.

Voor de ondertekening van de aanvaardingsplichtconvenant wordt een consultatie georganiseerd waarbij de belanghebbende partijen actief betrokken worden en de mogelijkheid krijgen om hun standpunt over de aanvaardingsplichtconvenant kenbaar te maken bij de partijen die de aanvaardingsplichtconvenant gaan ondertekenen.

 

§5.

Een aanvaardingsplichtconvenant wordt, na ondertekening door de partijen, integraal bekendgemaakt op de website van de OVAM.

 

§6.

In een aanvaardingsplichtconvenant wordt de looptijd van de convenant opgenomen.

 

De looptijd van een aanvaardingsplichtconvenant kan, na akkoord door alle partijen, eenmalig worden verlengd met twee jaar. Voor een verlenging wordt opnieuw een consultatie georganiseerd als vermeld in paragraaf 4. De verlenging van de looptijd wordt bekendgemaakt op de website van de OVAM.

 

§7.

Tijdens de looptijd van de aanvaardingsplichtconvenant kunnen de partijen overeenkomen om ze te wijzigen. De wijzigingen worden bekendgemaakt op de website van de OVAM.

 

§8.

De partijen kunnen op elk moment een aanvaardingsplichtconvenant opzeggen, op voorwaarde dat ze een opzeggingstermijn in acht nemen. Behalve als er een andersluidend beding in de aanvaardingsplichtconvenant is, bedraagt die opzegtermijn zes maanden. In geen geval mag de opzeggingstermijn die in de aanvaardingsplichtconvenant bepaald is, langer zijn dan een jaar. Elke langere termijn wordt van rechtswege herleid tot een jaar. De opzegging wordt op straffe van nietigheid meegedeeld met een beveiligde zending. De opzeggingstermijn begint te lopen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de kennisgeving.


Art. 3.2.2.2.

§ 1.

Alle documenten die in het kader van de uitvoering van een aanvaardingsplichtconvenant moeten worden opgesteld en die van strategisch belang zijn, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de OVAM. Dat zijn ten minste het beheerplan, de lastenboeken en het communicatieplan.

 

De OVAM heeft één maand de tijd om die documenten al dan niet goed te keuren. Als de OVAM geen beslissing neemt binnen die periode, worden de documenten geacht goedgekeurd te zijn. Als de OVAM om aanvullende informatie verzoekt, kan de termijn maximaal met één maand worden verlengd. Die termijn gaat in vanaf de datum van de ontvangst van alle opgevraagde informatie. Als de OVAM de documenten afkeurt, moet een aangepast voorstel opnieuw voorgelegd worden voor goedkeuring. Een voorstel kan niet worden uitgevoerd zonder de goedkeuring van de OVAM.

 

§ 2.

In afwijking van paragraaf 1 worden het financieel plan en de toetredingsovereenkomst voor advies voorgelegd.

 

De OVAM heeft één maand de tijd om advies te geven. Als geen advies gegeven wordt binnen die periode, wordt de OVAM geacht een gunstig advies te hebben gegeven. Als de OVAM om aanvullende informatie verzoekt, kan de termijn maximaal met één maand worden verlengd. Die termijn gaat in vanaf de datum van de ontvangst van alle opgevraagde informatie.


Onderafdeling 3.2.3.
Individuele invulling van de aanvaardingsplicht


Art. 3.2.3.1.

Het individuele aanvaardingsplichtplan moet, met behoud van de maatregelen, vermeld in artikel 3.2.1.2, § 2, ten minste de volgende gegevens en verbintenissen bevatten :

 identificatiegegevens :
  a) naam, rechtsvorm, zetel en nummer van het handelsregister of een overeenstemmend registratie- en ondernemingsnummer van de producent van producten waarvoor voor de overeenstemmende afvalstoffen de aanvaardingsplicht geldt;
  b) woonplaats en adres van de producent en, in voorkomend geval, van de maatschappelijke zetels, de administratieve zetels en de exploitatiezetels; 
  c) telefoonnummer en eventueel faxnummer van de woonplaats, zetel of standplaats, binnen het Vlaamse Gewest, waar de producent bereikt kan worden;  
  d) als de aanvrager niet beschikt over een woonplaats, of, in voorkomend geval, over een maatschappelijke zetel in het Vlaamse Gewest, de vermelding van een standplaats, filiaal of kantoor waar het register op elk ogenblik door de bevoegde overheid geraadpleegd kan worden; 
  e) inhoudstafel van het volledige individuele aanvaardingsplichtplan
  f) naam en functie van de ondertekenaar van het individuele aanvaardingsplichtplan
 voorwerp :  
  a) vermelding van de onder de aanvaardingsplicht vallende afvalstoffen en de overeenkomstige producten waarop het individuele aanvaardingsplichtplan van toepassing is; 
  b) omschrijving van de wijze waarop aan de aanvaardingsplicht, vermeld in artikel 3.2.1.1, wordt voldaan, in het bijzonder rekening houdend met de specifieke voorschriften voor die afvalstoffen, vermeld in dit hoofdstuk; 
  c) de gegevens die overeenkomstig artikel 3.2.1.2 specifiek in het individuele aanvaardingsplichtplan vermeld moeten worden voor de afvalstoffen, zoals omschreven ter uitvoering van punt a); 
  d) de omschrijving van de wijze waarop de producent garandeert dat er geen kosten, voortkomend uit de aanvaardingsplicht voor producten die door hem op de markt zijn gebracht, zullen worden afgewenteld op andere producenten;
verbintenissen : de schriftelijke verbintenis, gedateerd en ondertekend door de producent, of in voorkomend geval, door een natuurlijke persoon die de vennootschap ertoe kan verbinden, dat de afvalstoffen die onder de toepassing van het afvalpreventie- en afvalbeheerplan vallen en die hem met toepassing van dit besluit en artikel 21 van het Materialendecreet worden aangeboden, door hem : 
  a) gratis in ontvangst zullen worden genomen, tenzij het anders is bepaald in afdeling 3.4;  
  b)  zullen worden verwerkt met inachtneming van de voorschriften, vermeld in dit besluit.  

 

In de verbintenis wordt ook vermeld hoe de kosten voor inzameling, scheiding en verwerking van alle afgedankte producten worden gedekt.

 

Daarbij moet ten minste een locatie in het Vlaamse Gewest vermeld worden waar derden die afvalstoffen kunnen afleveren. De producten moeten gratis afgeleverd worden, tenzij het anders is bepaald in afdeling 3.4.

 


Art. 3.2.3.2.

Het individuele aanvaardingsplichtplan, vermeld in artikel 3.2.1.2, § 1, 1°, wordt goedgekeurd volgens de volgende procedure :

  de aanvraag tot goedkeuring van het individuele aanvaardingsplichtplan wordt met een beveiligde zending naar de OVAM verstuurd of bij de OVAM tegen ontvangstbewijs afgegeven, bij voorkeur in naam van de aanvrager, gedateerd en ondertekend door de aanvrager of, in voorkomend geval, door een natuurlijke persoon die de vennootschap kan verbinden, met de volgende bijlagen : 
  a) in voorkomend geval, een afschrift van de oprichtingsakte en van de eventuele wijzigingen ervan gedurende de laatste vijf jaar; 
  b) het ontwerp van het individuele aanvaardingsplichtplan waarvoor de goedkeuring wordt gevraagd; 
  de OVAM onderzoekt de aanvraag op volledigheid overeenkomstig de bepalingen in artikel 3.2.3.1 :  
  a) als wordt vastgesteld dat de aanvraag onvolledig is, brengt de OVAM de aanvrager binnen veertien kalenderdagen na de indiening of de aanvulling van de aanvraag daarvan met een beveiligde zending op de hoogte, met vermelding van de inlichtingen en de gegevens die ontbreken; 
  b)  als wordt vastgesteld dat de aanvraag volledig is, brengt de OVAM de aanvrager daarvan met een beveiligde zending op de hoogte binnen veertien kalenderdagen na de indiening of de aanvulling van de aanvraag; 
  binnen een termijn van vier maanden, te rekenen vanaf de datum waarop is vastgesteld dat de aanvraag volledig is, doet de OVAM uitspraak over de aanvraag. Tijdens die vier maanden kan de OVAM alle toelichtingen en informatie opvragen die nodig zijn voor de inhoudelijke beoordeling van de aanvraag; 
  de OVAM stuurt haar beslissing met een beveiligde zending aan de aanvrager, binnen tien kalenderdagen na de uitspraak. 
  een individueel aanvaardingsplichtplan wordt, na goedkeuring door de OVAM, bekendgemaakt op de website van de OVAM.

 


Art. 3.2.3.3.

§ 1.

De goedkeuring, vermeld in artikel 3.2.3.2, 3°, kan slechts voor een termijn van maximaal vijf jaar worden verleend.

 

Elke goedkeuringsbeslissing die voor een kortere termijn geldt, moet gemotiveerd zijn. Een hernieuwing van de goedkeuring is overeenkomstig de procedure, vermeld in artikel 3.2.3.2, mogelijk, telkens voor een termijn van maximaal vijf jaar.

 

§ 2.

De goedkeuring kan door de OVAM :

1°  worden opgeheven op verzoek van de houder van de goedkeuring; 
2°  ambtshalve worden opgeheven of geschorst, na overlegging van een verslag van vaststelling of een proces-verbaal waarin een inbreuk op de voorschriften van dit besluit of een misdrijf wordt vastgesteld. 

 

Behoudens bij een dreigend en onmiddellijk gevaar voor mens of milieu, wordt de houder van de goedkeuring, met een beveiligde zending en minstens veertien dagen voor de betekening ervan, op de hoogte gebracht van de voorgenomen beslissing en de motieven. Binnen die termijn kan de houder van de goedkeuring zich verweren of zijn zaken in orde brengen.


Art. 3.2.3.4.

De houder van de goedkeuring, vermeld in artikel 3.2.3.2, 3°, is verplicht om, wijzigingen van de volgende gegevens in zijn dossier onmiddellijk mee te delen aan de OVAM met een beveiligde zending :

1°  naam, rechtsvorm, zetel en nummer van het handelsregister of een overeenstemmend registratie- en ondernemingsnummer; 
2°  zijn woonplaats, adres of fax- en telefoonnummer en, in voorkomend geval, adres, fax- en telefoonnummer van de maatschappelijke zetels, de administratieve zetels en de exploitatiezetels of van de standplaats binnen het Vlaamse Gewest; 
3°  het voorwerp van het goedgekeurde individuele aanvaardingsplichtplan;
4°  de verbintenissen in het goedgekeurde individuele aanvaardingsplichtplan. 

Art. 3.2.3.5.

De natuurlijke persoon of rechtspersoon moet de in het goedgekeurde individuele aanvaardingsplichtplan opgenomen verbintenissen stipt na leven.