Art. 4.1.4.

§ 1.

De minister kan op verzoek van de houder beslissen dat een specifieke op de lijst als gevaarlijk aangegeven afvalstof in individuele gevallen geen van de eigenschappen, vermeld in artikel 4.1.3, tweede lid, bezit en dus geen gevaarlijke afvalstof is.

 

Een declassering kan worden toegestaan voor een bepaalde afvalstof van een specifieke productieplaats en voor een specifieke productiestap binnen het productieproces.

 

§ 2.

De houder van de afvalstof dient per aangetekende brief een verzoek tot declassering in op het adres van de OVAM. De aanvraag moet minstens de volgende gegevens bevatten :

de identificatie van de houder; 
de identificatie van de maatschappelijke zetel en van de exploitatiezetel waarop het verzoek betrekking heeft; 
de aard van de afvalstof (de EURAL-code, vermeld in bijlage 2.1); 
een kopie van de omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit voor het proces waaruit de afvalstof vrijkomt, indien van toepassing; 
een gedetailleerde beschrijving van de stap uit het productieproces waarin de afvalstof ontstaat. De beschrijving moet zo opgesteld worden dat aangetoond wordt waarom de gevaarlijke eigenschappen, vermeld in artikel 4.1.3, tweede lid, niet van toepassing zijn; 
voor de gevaarlijke eigenschappen HP3 tot en met HP8, HP10 en HP11 wordt aan de hand van analyseresultaten aangetoond dat de grenswaarden, vermeld in artikel 4.1.3, tweede lid, niet overschreden worden; 
7°  voor de andere gevaarlijke eigenschappen, vermeld in artikel 4.1.3, tweede lid, wordt gemotiveerd waarom ze niet aanwezig kunnen zijn in de afvalstof waarvoor het verzoek wordt ingediend. De houder van de afvalstof ondertekent en dateert het verzoek tot declassering. De naam en de functie van de ondertekenaar worden vermeld. 

 

De minister doet uitspraak binnen een termijn van drie maanden na de ontvangst van de aanvraag. Voorafgaand aan die uitspraak wint de minister het advies in van de OVAM.

 

De OVAM stuurt de beslissing op naar de houder van de afvalstof, per beveiligde zending, binnen een termijn van tien kalenderdagen na de datum van de beslissing.

 

Elke wijziging van de administratieve gegevens van de houder van de afvalstof wordt aan de OVAM meegedeeld.