Hoofdstuk 1/1.
Garantie van oorsprong


Art. 7.1/1.1.

§ 1

De VREG kent een garantie van oorsprong toe aan de eigenaar van een productie-installatie die in het Vlaamse Gewest ligt, of aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon die daarvoor door hem is aangewezen, voor iedere 1 000 kWh elektriciteit die in de installatie wordt opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen of kwalitatieve warmte-krachtkoppeling.

§ 2

De Vlaamse Regering legt de nadere toepassingsregels en procedures vast voor de vorm, de inhoud, de aanvraag en de toekenning van de garanties van oorsprong.

§ 3

De garanties van oorsprong die de VREG toegekend heeft, worden geregistreerd in een centrale databank. De Vlaamse Regering bepaalt de specificaties die per garantie van oorsprong in de centrale databank worden opgenomen.

Art. 7.1/1.2.
De levering van elektriciteit in het Vlaamse Gewest als een hoeveelheid elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen of elektriciteit uit kwalitatieve warmte-krachtkoppeling is toegestaan als de aldus geleverde hoeveelheid elektriciteit overeenstemt met het overeenstemmend aantal kWh van de garanties van oorsprong respectievelijk inzake elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen of elektriciteit uit kwalitatieve warmtekrachtkoppeling, die ingeleverd zijn in de centrale databank.

Art. 7.1/1.3.
De Vlaamse Regering bepaalt onder welke voorwaarden garanties van oorsprong die toegekend zijn door de daarvoor bevoegde instantie van de federale overheid, de andere gewesten of andere landen, kunnen worden ingeleverd, zoals vermeld in artikel 7.1/1.2. Die voorwaarden moeten objectief, transparant en niet-discriminerend zijn.

Art. 7.1/1.4.
Een garantie van oorsprong kan enkel worden ingeleverd, zoals vermeld in artikel 7.1/1.2, binnen twaalf maanden na het einde van de productieperiode van de desbetreffende energiehoeveelheid.
Ingeval de garanties van oorsprong door een oorzaak die niet bij de certificaatgerechtigde ligt, later dan zes maanden na het einde van de productieperiode worden uitgereikt, mogen deze in afwijking van het eerste lid ingeleverd worden tot zes maanden na de toekenning ervan.