Art. 9.
Na de vaststelling van een inbreuk op dit decreet of de uitvoeringsbepalingen ervan kunnen de personen die belast zijn met het toezicht, vermeld in artikelá8:
1░
een vaartuig of ander tuig de toegang tot of het verblijf in de haven verbieden;
2░
een vaartuig of ander tuig ophouden en naar een nabijgelegen plaats brengen of laten brengen;
3░
een vaartuig of ander tuig verbieden af te varen;
4░
een vaartuig, ander tuig of gevaarlijke goederen ambtshalve verwijderen;
5░
laad- en losverrichtingen laten stilleggen.