Hoofdstuk V.
Wijzigings- en opheffingsbepalingen


Art. 36.

Art. 14, 2, van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning wordt vervangen door wat volgt :
2. De aanvrager is verplicht aan de adviesverlenende overheidsorganen alle gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekken.
De aanvrager kan in de aanvraag, of bij het overmaken van gevraagde gegevens en inlichtingen aan de bevoegde administratie vragen om te onderzoeken of ze overeenkomstig artikel 15, 1, 7, van het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur bepaalde gegevens in de stukken die overeenkomstig artikel 11, 1, ter inzage zullen worden gelegd tijdens het openbaar onderzoek, niet ter beschikking van het publiek te stellen. Hij duidt in zijn vraag aan over welke gegevens het gaat en motiveert waarom hij van mening is dat deze gegevens niet aan het publiek ter beschikking kunnen worden gesteld.


De administratie neemt een beslissing over de vraag van de aanvrager volgens de modaliteiten bepaald door de Vlaamse regering, in elk geval voor de aanvang van het openbaar onderzoek. Ze maakt een belangenafweging overeenkomstig het voornoemde artikel 15, 1, 7. Als ze op grond hiervan beslist dat op dat ogenblik de gegevens in kwestie niet ter beschikking gesteld worden van het publiek, kan ze die laten opnemen in een bijlage, die niet ter beschikking van het publiek wordt gesteld.


Deze bepaling doet geen afbreuk aan de regeling inzake passieve openbaarheid, bedoeld in hoofdstuk II van het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur. .


Art. 37.

In artikel 24, 1, van hetzelfde decreet, zoals gewijzigd tot op heden, worden volgende wijzigingen aangebracht :

1
5 wordt vervangen door wat volgt :
5 elke natuurlijke of rechtspersoon die ten gevolge van de vestiging en de exploitatie van de inrichting rechtstreeks hinder kan ondervinden;″;
2
een 6 wordt toegevoegd, dat luidt als volgt :
6 elke rechtspersoon die zich de bescherming van het leefmilieu statutair tot doel heeft gesteld, ten minste vijf jaar rechtspersoonlijkheid bezit en in zijn statuten het grondgebied omschreven heeft tot waar zijn bedrijvigheid zich uitstrekt.


Art. 38.

De volgende bepalingen worden opgeheven :

1
het decreet van 18 mei 1999 betreffende de openbaarheid van bestuur;
2de wet van 12 november 1997 betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten, voor wat betreft de provincies en de gemeenten in het Vlaamse Gewest, gewijzigd bij de wetten van 25 juni 1998 en 26 juni 2000;
3
artikel 33sexies en 33septies van het decreet van 28 april 1993 houdende regeling, voor het Vlaamse Gewest, van het administratief toezicht op de gemeenten, ingevoegd bij het decreet van 17 juli 2000;
4
artikel 24bis en 24ter van het decreet van 22 februari 1995 tot regeling van het administratief toezicht op de provincies van het Vlaamse Gewest, ingevoegd bij het decreet van 17 juli 2000.