Art. IV.2.2.5. Verhuis

§ 1

Elke leverancier neemt in zijn leveringscontract met zijn klant de verplichting op dat een elektriciteitsdistributienetgebruiker op een toegangspunt dat jaarlijks opgenomen wordt, steeds aan zijn leverancier moet melden dat hij dat toegangspunt verlaat en aan die leverancier de volgende gegevens met betrekking tot het toegangspunt moet verstrekken, tenzij hij aangeeft dat het toegangspunt op zijn kosten buiten dienst mag worden gesteld:
de datum waarop hij het toegangspunt verlaat of verlaten heeft;
de meterstand of meterstanden vastgesteld door de netgebruiker op die datum;
de naam en contactgegevens van de eventuele nieuwe elektriciteitsdistributienetgebruiker of van de eigenaar van het gebouw of de installatie waaraan het toegangspunt verbonden is.
Hierbij kan hij gebruik maken van de verhuisformulieren die de VREG heeft opgesteld en ter beschikking stelt.

§ 2

Als de leverancier van de vertrekkende elektriciteitsdistributienetgebruiker de gevalideerde meterstand ontvangt van de elektriciteitsdistributienetbeheerder (doorgegeven door de leverancier van de nieuwe elektriciteitsdistributienetgebruiker) controleert hij of dit overeenkomt met de meterstand op het verhuisdocument dat ondertekend is door beide bewoners. Bij gebrek aan overeenstemming stuurt hij een rectificatiebericht.

§ 3

Als het toegangspunt niet buiten dienst wordt gesteld en de leverancier geen geldige contractuele band heeft met de elektriciteitsdistributienetgebruiker op het toegangspunt, kan de leverancier die situatie melden aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder. Daarbij verstrekt hij de gegevens, opgesomd in bovenstaande paragraaf, conform de handleiding voor informatie-uitwisseling.

§ 4

Binnen 48 uur na ontvangst van de melding beoordeelt de elektriciteitsdistributienetbeheerder conform de handleiding voor informatieuitwisseling, of de melding aanvaard of verworpen wordt. Hij brengt de leverancier daarvan op de hoogte.

§ 5

Uiterlijk om 24u00 lokale tijd op de dertigste kalenderdag na de melding door de leverancier stopt de elektriciteitsdistributienetbeheerder de levering van de leverancier aan dat toegangspunt, registreert hij dit in zijn toegangsregister en meldt hij dat aan de leverancier, tenzij het toegangspunt in die periode toch buiten dienst wordt gesteld, of de levering op het toegangspunt door een klantenwissel of een klanten- en leverancierswissel geregulariseerd wordt.

§ 6

De elektriciteitsdistributienetbeheerder neemt op zijn beurt binnen tien werkdagen na bevestigingsdatum schriftelijk contact op met de mogelijke nieuwe netgebruiker of met de eigenaar van het gebouw of de installatie als die gegevens door de leverancier werden bezorgd. Als de gegevens niet beschikbaar zijn of niet betrouwbaar blijken, doet de elektriciteitsdistributienetbeheerder een administratief onderzoek naar de contactgegevens van een mogelijke nieuwe netgebruiker of eigenaar van het gebouw en gebruikt hij die informatie in zijn pogingen met een mogelijke nieuwe netgebruiker op het toegangspunt contact op te nemen.
Bij zijn contact met de mogelijke nieuwe netgebruiker of eigenaar van het gebouw, wijst hij die op zijn plicht zijn verhuizing te melden aan zijn leverancier, om een leverancier aan te wijzen op het toegangspunt en dat met die leverancier te regelen of het toegangspunt uiterlijk binnen tien werkdagen buiten dienst te laten stellen. De elektriciteitsdistributienetbeheerder meldt eveneens de mogelijke gevolgen als de afnemer niet zou reageren. Naargelang van de beschikbare gegevens neemt hij telefonisch of per brief contact op.

§ 7

Als de nieuwe netgebruiker of eigenaar van het gebouw of wooneenheid hierop niet tijdig reageert, gaat de elektriciteitsdistributienetbeheerder ter plaatse om een regularisatiedocument te laten ondertekenen door de netgebruiker. Dat document biedt aan de netgebruiker drie mogelijkheden:
als de netgebruiker over een geldig leveringscontract beschikt op zijn oude adres, maar zijn leverancier nog niet op de hoogte heeft gebracht zijn verhuizing, dan geeft hij de naam van zijn huidige leverancier door;
als de netgebruiker nog niet over een geldig leveringscontract beschikt, dan wijst hij de leverancier van de vorige bewoner aan als zijn leverancier;
het toegangspunt mag buiten dienst worden gesteld.

§ 8

De netbeheerder stuurt, indien van toepassing, binnen vijf werkdagen na ontvangst het ingevulde en ondertekende regularisatiedocument door naar de leverancier in kwestie.

§ 9

De leverancier die dit regularisatiedocument ontvangt, neemt onmiddellijk en uiterlijk binnen vijf werkdagen de nodige maatregelen om de levering op het toegangspunt te regulariseren door middel van een melding van klantenwissel of een gelijktijdige klanten- en leverancierswissel waarvan de wisseldatum overeenkomt met de datum, vermeld op het regularisatiedocument rekening houdend met de bepalingen en beperkingen in Artikel IV.2.2.4.

§ 10

Uiterlijk tien werkdagen na het beëindigen van de levering stelt de elektriciteitsdistributienetbeheerder, conform de handleiding voor informatieuitwisseling, de eindmeterstanden en de daaruit afgeleide afname of injectie vanaf de voorgaande meteropname van het toegangspunt ter beschikking van de leverancier.