Afdeling IV.2.3.
Berichten van aanwijzing en wijziging voor toegangspunten op spanningen groter dan of gelijk aan 30 kv


Art. IV.2.3.1.
Per toegangspunt op een spanning hoger dan of gelijk aan 30 kV wijst een elektriciteitsdistributienetgebruiker een toegangshouder aan die met de elektriciteitsdistributienetbeheerder een toegangscontract afsluit. Voor afnamepunten wijst de toegangshouder een of meer leveranciers aan met een geldige leveringsvergunning of die voldoen aan de eisen gesteld door een andere lidstaat van de Europese Unie, de federale overheid of een andere gewestelijke energieregulator in verband met de levering van elektriciteit en voor elk van hen een evenwichtsverantwoordelijke. Voor injectiepunten wijst de toegangshouder een of meer evenwichtsverantwoordelijken aan.

Art. IV.2.3.2.

§ 1

De melding van een wijziging van toegangshouder voor toegangspunten op spanningen groter dan of gelijk aan 30 kV gebeurt door de nieuwe toegangshouder, minstens eenentwintig kalenderdagen vooraf.

§ 2

Als de toegangshouder en de toegangspunten waarop het toegangscontract betrekking heeft, ongewijzigd blijven, gebeurt de melding van een wijziging van leverancier of evenwichtsverantwoordelijke door de toegangshouder, en dit minstens tien werkdagen vooraf.

§ 3

De elektriciteitsdistributienetbeheerder beoordeelt binnen vijf werkdagen of de wijziging aanvaard of verworpen wordt, en brengt de (nieuwe) toegangshouder van die beslissing op de hoogte. Indien van toepassing waarschuwt hij de vorige toegangshouder, die op zijn beurt de betrokken leverancier of evenwichtsverantwoordelijke op de hoogte brengt.

Art. IV.2.3.3.
Elke wissel van een elektriciteitsdistributienetgebruiker op een toegangspunt wordt door de toegangshouder gemeld aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder zodra hij daarvan op de hoogte wordt gebracht door de elektriciteitsdistributienetgebruiker. Hij vermeldt daarbij de datum van de wissel.

Art. IV.2.3.4.

§ 1

De beëindiging van de contractuele overeenkomsten met betrekking tot de afname of injectie op een toegangspunt, moet minstens dertig kalenderdagen vooraf door de toegangshouder aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder gemeld worden.

§ 2

De elektriciteitsdistributienetbeheerder vraagt binnen tien werkdagen aan de elektriciteitsdistributienetgebruiker een nieuwe toegangshouder aan te duiden die het nieuwe toegangscontract zal afsluiten. Dat toegangscontract moet uiterlijk tien werkdagen voor het einde van de opzegtermijn worden gesloten.

Art. IV.2.3.5.
De toegangshouder meldt aan de elektriciteitsdistributienetbeheerder elke wijziging met betrekking tot de naam en het contactadres van de elektriciteitsdistributienetgebruiker op het toegangspunt in kwestie, alsook elke wijziging van het ondernemingsnummer, binnen twee werkdagen nadat hij daarvan op de hoogte werd gebracht.

Art. IV.2.3.6.
Elke wijziging in de informatie over een toegangspunt die bijgehouden wordt in het toegangsregister zoals beschreven in Artikel IV.2.1.3§1, wordt doorgevoerd in het toegangsregister en gecommuniceerd aan de toegangshouder op het toegangspunt binnen tien werkdagen nadat de elektriciteitsdistributienetbeheerder op de hoogte werd gebracht van de wijziging of zelf die wijzigingen heeft aangebracht.

Art. IV.2.3.7.
De elektriciteitsdistributienetbeheerder voorziet in een procedure waardoor hij de aanwijzingen van toegangshouder en evenwichtsverantwoordelijken in het toegangsregister zelf kan aanpassen ingeval de toegangshouder of de evenwichtsverantwoordelijke niet meer aan hun verplichtingen kunnen voldoen.